Start transcriptie van
DE BARON
Een interactief verhaal, geschreven door Victor Gijsbers 
en gepubliceerd onder de GNU General Public License. 
Nieuwe lezers: TYPE ALSTUBLIEFT 'MENU', ook wanneer u een 
ervaren speler van interactieve fictie bent.
Release 1 / Serial number 051105 / Inform v6.21 Library 6/11 SD
Standard interpreter 1.0 (1F) / Library serial number 040227
Nederlandse vertaling 020812 door Yuri Robbers




De bronzen deuren vallen achter je dicht, en je hoort hoe de grendel ervoor
wordt geschoven. Er is geen weg terug; het is jou, of de draak. Met je bijl in
je bepantserde hand stap je naar voren, de hitte tegemoet.


DE BARON
Een interactief verhaal, geschreven door Victor Gijsbers 
en gepubliceerd onder de GNU General Public License. 
Nieuwe lezers: TYPE ALSTUBLIEFT 'MENU', ook wanneer u een 
ervaren speler van interactieve fictie bent.
Release 1 / Serial number 051105 / Inform v6.21 Library 6/11 SD

Het voorportaal van de grot
De kleine hal is door mensen uitgehouwen en met zwart marmer bekleed. Twee
bronzen deuren in het zuiden sluiten de uitgang hermetisch af; in het noorden
leidt een smalle grot naar de vurige woonstee van de draak. De grond hier is
bezaaid met geblakerde botten en schedels, die flikkerende schaduwen zuidwaarts
werpen.

>x deuren
Twee bronzen deuren blokkeren de uitgang naar het zuiden. Er is een voorstelling
in gegraveerd van een brandende man.

>x brandende man
In plaats van de pijn die je zou verwachten op het gezicht van een brandende
man, straalt de gegraveerde figuur eerder begerigheid uit. Het is alsof het vuur
hem voortdrijft naar het object van zijn lust, wat dat dan ook mag zijn.

>i
Je hebt bij je:
  een helm (gedragen)
  een volledige wapenrusting (gedragen)
  een strijdbijl

>sla man
Dat is in dit verhaal niet belangrijk.

>n
Je probeert om de menselijke beenderen heen te stappen, maar kan niet voorkomen
dat er bij elke stap verschillende breken onder het gewicht van jou en je
wapenrusting.

Een lage doorgang
De grot is laag, en je moet bukken om er doorheen te kunnen. Op de vloer ligt
een dikke laag as. De vlammen die overal in de grote zaal in het noorden uit
spleten in de grond komen zijn haast verblindend fel, en de hitte is enorm. Het
zweet breekt je aan alle kanten uit. In het zuiden ligt de betrekkelijke koelte
van het halletje.

>n
Met de bijl stevig in je handen geklemd, het vizier van je helm opengeklapt
zoals een man van eer betaamt, treed je de draak tegemoet.

Een ondergrondse zaal
De zaal is tientallen meters hoog, en honderden meters breed en diep. De grond
is bedekt met een dikke laag as, behalve waar brede spleten de rots doorklieven.
Metershoge vlammen schieten uit deze spleten omhoog. De hitte is bijna
ondraaglijk.

In het midden van de zaal staat de draak, een enorm roodgeschubt monster. Hij
draait zijn kop naar je toe, en staart je met twee grote gele ogen aan.

>z

Een lage doorgang
De grot is laag, en je moet bukken om er doorheen te kunnen. Op de vloer ligt
een dikke laag as. De vlammen die overal in de grote zaal in het noorden uit
spleten in de grond komen zijn haast verblindend fel, en de hitte is enorm. Het
zweet breekt je aan alle kanten uit. In het zuiden ligt de betrekkelijke koelte
van het halletje.

Je rent weg, maar achter je hoor je de donderende voetstappen van de draak, die
je achterna komt. Zijn bloedstollende kreet echoot door de onderaardse gewelven.

>z
Begeleid door het geknars van brekende botten loop je terug de hal in.

Het voorportaal van de grot
De kleine hal is door mensen uitgehouwen en met zwart marmer bekleed. Twee
bronzen deuren in het zuiden sluiten de uitgang hermetisch af; in het noorden
leidt een smalle grot naar de vurige woonstee van de draak. De grond hier is
bezaaid met geblakerde botten en schedels, die flikkerende schaduwen zuidwaarts
werpen.

Zo snel als je kunt ren je over de botten heen, weg van het afzichtelijke
monster. Er komt rook uit de grot, en een laag gegrom.

>klop op de deur
Nog voordat je de draak hebt proberen te doden? Dat zou alleen een lafaard doen.

De grot in het noorden verandert in een zee van vlammen, vlammen die elk moment
verder de hal in lijken te komen, als de tentakels van een hongerig wezen van
vuur en hitte, op zoek naar prooi.

>sla de draak
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>hak de kop van de draak af
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>oh wacht, hij is er niet
Het lijkt of je tegen iemand wilt praten, maar ik heb geen idee wie.

>n
Je probeert om de menselijke beenderen heen te stappen, maar kan niet voorkomen
dat er bij elke stap verschillende breken onder het gewicht van jou en je
wapenrusting.

Een lage doorgang
De grot is laag, en je moet bukken om er doorheen te kunnen. Op de vloer ligt
een dikke laag as. De vlammen die overal in de grote zaal in het noorden uit
spleten in de grond komen zijn haast verblindend fel, en de hitte is enorm. Het
zweet breekt je aan alle kanten uit. In het zuiden ligt de betrekkelijke koelte
van het halletje.

De draak heeft zijn kop in de grot gestoken en blaast een immense straal vuur
naar binnen. Voordat je kunt reageren ben je omgeven door de vlammen; je kan een
schreeuw van pijn niet onderdrukken wanneer je in brand vliegt.

>z
Je rent in paniek terug naar de hal, ditmaal zonder te letten op de knoken
waarmee de grond bezaait is. Bij elke stap die je zet breken botten onder jouw
gewicht en dat van je harnas.

Het voorportaal van de grot
Tussen de vlammen door zie je de zwarte marmeren wanden van de hal, de botten op
de vloer, en de twee bronzen deuren die de enige uitgang vormen.

Je bent omgeven door vlammen, en kan nauwelijks nog iets zien. De hitte in het
harnas is ondraaglijk.

>klop op de deur
In paniek ren je naar de deuren. De brandende man in het bronzen relif kijkt je
met spottende ogen aan, zijn extatische grijns bij het voelen van de vlammen
precies het tegenovergestelde van jouw gepijnigd geschreeuw. Met de stalen
handschoen van je rechterhand beuk je zo hard als je kan tegen hem aan; een
vervaarlijke, door merg en been snijdende dissonant galmt door de grot.

Maar de deuren komen niet in beweging, niemand doet open, en nogmaals - terwijl
je voelt hoe de hitte van het vuur het levenssap in je aderen verdampt - sla je
uit alle macht op de deur; nogmaals het geluid, alsof Satan de gong slaat in het
diepst van de hel - maar de deur blijft onbeweeglijk, je voelt hoe je handen
langs het koper naar beneden glijden maar je kan niets doen om te blijven staan
en de pijn de hitte duisternis...

[Druk op een toets.]









   DE BARON

   Een interactief verhaal geschreven door Victor Gijsbers.




 Chi l'anima mi lacera?
 Chi m'agita le viscere?
 Che strazio, ohim, che smania!
 Che inferno, che terror!


 "Wie verscheurt mijn ziel?
  Wie windt mijn hart zo op?
  Wat een kwelling, wat een waanzin!
  Wat een hel! Welk een verschrikking!"




    Uit de opera "Don Giovanni"
    Tekst: Lorenzo da Ponte
    Muziek: Wolfgang A. Mozart



Twee doordringende dissonanten, kort na elkaar, wekken je uit je onrustige
slaap. Na de tweede toon zwijgt de kerkklok en de stilte van de winternacht
nestelt zich weer in het dorp. Je wrijft de slaap uit je ogen. Uiterst
voorzichtig stap je uit bed, opdat je je vrouw Hilde niet wakker maakt. Zij zou
je zeker proberen te stoppen. 






In je slaapkamer
Het zwakke schijnsel van de maan dat door het raam naar binnen valt hult de
meubels in de slaapkamer in een mantel van onwereldse schoonheid. Alleen het
zachte ademen van je echtgenote in het grote ledikant doorbreekt de stilte.
Naast de zware eiken kledingkast bevindt zich de deur naar de overloop in het
noorden. In de onverwarmde kamer is het ijzig koud.

Je ziet een stoel (met daarop je werkkleding) en een vuren nachtkastje.

>i
Je hebt niets bij je.

>streel hilde door haar haar
Ik begrijp alleen het gedeelte: streel Hilde.

>streel hilde 
Dat kan je beter niet doen; wellicht wordt ze er wakker van.

>x maan
Door het raam kan je de volle maan tegen de sterrenhemel zien staan. Even lijkt
het alsof het mannetje in de maan bemoedigend naar je knipoogt, maar dan neemt
hij weer zijn gewone mysterieuze pose aan.

>x mannetje in de maan
Door het raam kan je de volle maan tegen de sterrenhemel zien staan. Even lijkt
het alsof het mannetje in de maan bemoedigend naar je knipoogt, maar dan neemt
hij weer zijn gewone mysterieuze pose aan.

>x kasteel
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x slot
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x dorp
Omdat je huis op een heuvel aan de rand van het dorp ligt, heb je vanuit het
raam een mooi uitzicht over de andere woningen. Slechts achter enkele ramen
branden nog lichtjes; verder is het dorp in deze winternacht gehuld in
duisternis en sneeuw.

>x lichtjes
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x winternacht
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x fot
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x foto
Deze foto, gemaakt ter ere van het tienjarig huwelijk van jou en Hilde, is
alweer enkele jaren oud. Plechtig staan jullie als twee zwart-witte standbeelden
naast elkaar, voor de gelegenheid weer in jullie trouwkostuums gehesen. Op de
voorgrond, dicht tegen jou aan, staat jullie dochter Maartje. Kleine Maartje, in
haar prachtige witte jurkje, een stralende lach op haar gezicht. Op de foto heb
je beschermend een arm over haar schouder geslagen. Maar nu is zij ontvoerd door
de kwaadaardige baron... nogmaals zweer je dat je alles in je macht zal doen om
haar te bevrijden.

>x kast
Met dit grote meubel ben je weken bezig geweest. Niet alleen heb je zelf de boom
omgehakt waaruit hij gemaakt is, ook het zagen van de planken, het schuren,
timmeren, lakken, en zelfs het subtiele houtsnijwerk heb je zelf gedaan. De
herinnering aan die gelukzalige eerste maanden van jullie huwelijk, waarin Hilde
en jij met beperkte middelen maar mateloos enthousiasme jullie kleine huisje
inrichtten, doet je glimlachen.

>x houtsnijwerk
Hartjes, vogeltjes, bloemen en andere figuren die jouw verliefde geest bevolkten
toen je deze decoraties sneed kronkelen kunstig om elkaar heen.

>x hartjes
Kleine hartjes lopen langs de hele rand van de kledingkast.

>x vogeltjes
In sierlijke patronen kronkelen vlechten in de kast uitgesneden vogeltjes zich
om lange bloemenranken.

>x bloemenranken
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x bloemen
De grote kledingkast is versierd met bloemenranken waarin zowel inheemse als
exotische en fantastische bloemen voorkomen. Vluchten kleine vogels wentelen
zich er omheen.

>open kast
Je opent de kledingkast, en onthult een grote hoeveelheid jurken, broeken en
andere kleren.

>pak kleren
Welke bedoel je, je werkkleding of de grote hoeveelheid jurken, broeken en
andere kleren?

>broeken
Ik begrijp alleen het gedeelte: pak de broeken.

>i
Je hebt niets bij je.

>pak de grote hoeveelheid jurken, broeken en andere kleren
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x kleren 
Welke bedoel je, je werkkleding of de grote hoeveelheid jurken, broeken en
andere kleren?

>grote
In deze kast bewaren jullie al je kleren, netjes opgevouwen en gestreken, in
keurige stapels gelegd. In een smal gedeelte aan de zijkant hangen de jurken van
je vrouw.

>x jurken
Je laat je vingers langs de ruwe, stijve stof van de jurken glijden. Praktisch
en zonder franje, de werkkleding van een bedrijvige huisvrouw. Helemaal achterin
verstopt het witte satijn van Hildes trouwjurk zich alsof het met de rest van de
kleding niet gezien wil worden.

>x werkkleding
Dit is de kleding waarmee je overdag in het woud hout gaat hakken: een stevige
spijkerbroek, een rood-blauw geruit hemd en twee zware leren laarzen. Er hangt
een vage zweetgeur om het hemd heen.

>trek die werkkleding maar aan
Ik begrijp alleen het gedeelte: trek je werkkleding.

>trek die werkkleding aan
(eerst je werkkleding oppakkend)
Je trekt je werkkleding aan.

>pak trouwjurk
Je pakt de koele, zachte stof vast en sluit voor een moment je ogen.
Herinneringen aan je bruiloft komen met grote hevigheid boven; het is alsof er
geen dag verstreken is, zo vers ligt het nog allemaal in je geest.



Met kloppend hart loop je het dorpsplein op. Je voelt je ongemakkelijk in het
grijze pak dat je speciaal voor deze gelegenheid gekocht hebt - het past niet
bij een eenvoudige jongen als jij. Voor de kerk heeft zich een menigte
verzameld. Het hele dorp is er: je ziet jouw ouders staan, en even verderop de
ouders van Hilde.

Terwijl je stil gaat staan om nog even de rode bloem in je knoopsgat recht te
zetten, kijkt iemand in jouw richting en roept je naam. Allen draaien zich om en
beginnen te juichen en je naam te roepen. Je voelt de hitte naar je gezicht
stijgen, en je wangen krijgen dezelfde kleur als de bloem.


Je houdt er niet van om in het middelpunt van de belangstelling te staan. Je
houdt sowieso niet van grote groepen mensen. De meeste tijd breng je daarom
alleen door, in het bos bijvoorbeeld, of verzonken in houtsnijwerk. Maar ook
alleen zijn heeft nadelen - de zwarte leegte van de eenzaamheid heeft meer dan
eens gedreigd je op te slokken. Het beste is om samen te zijn met n persoon
waar je van kan houden, waarmee je veilig bent en immuun voor het leed van de
wereld. Die droom zal vandaag uitkomen.



Eindelijk! Stralend als een lentezon glijdt Hilde het plein op. Haar lange
blonde haren omlijsten een engelengezicht dat altijd door een brede glimlach
getooid wordt. In haar sneeuwwitte bruidsjurk is ze een betoverde prinses, een
mooier, reiner en onschuldiger meisje dan deze wereld verdient te bezitten. En
ze komt op jouw af, haar ogen vol liefde en tederheid.



"Ja, dat beloof ik," spreekt ze, maar haar ogen zijn al niet meer gericht op de
dominee: ze hebben de jouwe gevonden. Je neemt haar hand, haar zachte, tere
hand, en zo voorzichtig als je kan schuif je de ring om haar vinger. Zij doet
hetzelfde bij jou, en dan buigen jullie hoofden zich naar elkaar toe, en jullie
lippen komen samen en bezegelen meer dan woorden ooit zouden kunnen het verbond
van eeuwige liefde. Er wordt geklapt en gejuicht, maar jullie staan op een
eiland van stilte en beleven de puurheid van samenzijn.

[Druk op een toets.]


In je slaapkamer
Het zwakke schijnsel van de maan dat door het raam naar binnen valt hult de
meubels in de slaapkamer in een mantel van onwereldse schoonheid. Alleen het
zachte ademen van je echtgenote in het grote ledikant doorbreekt de stilte.
Naast de zware eiken kledingkast bevindt zich de deur naar de overloop in het
noorden. In de onverwarmde kamer is het ijzig koud.

Je ziet een stoel en een vuren nachtkastje.

>i
Je hebt bij je:
  je werkkleding (gedragen)

>n
(de deur naar de overloop openend)

Op de overloop
De overloop is gehuld in een schemerig duister. Maanlicht schijnt naar binnen
door de open deur naar de slaapkamer in het zuiden. Aan de noordkant van de
overloop leidt een rood geschilderde deur naar de kamer van je dochter Maartje.
Naast de trap naar beneden staat een elegant kastje, waarboven een grote spiegel
in een vergulde lijst prijkt.

>x spiegel
Uit de spiegel staar je jezelf tegemoet, een heldhaftige blik in je ogen. Je
stoere houthakkerskleding zit als gegoten en laat de stevige spierbundels in je
armen goed uitkomen. Een grimmige glimlach speelt om je mondhoeken als je denkt
aan de angst die de baron zal voelen wanneer jij zijn kasteel binnen dringt om
hem met je stevige vuisten tot moes te slaan.

>*kijk...
[Commentaar bewaard.]

>n
(de deur naar Maartjes kamer openend)

In Maartjes kamer
Zonder Maartjes stralende aanwezigheid lijkt haar kamer doods en leeg. Het geeft
een droeve aanblik: een bed waar niet in geslapen wordt, een poppenhuis waar
niet mee gespeeld wordt, een bureau waaraan niet gestudeerd wordt. De bonte
kleuren waarin jij haar plafond en meubilair geverfd hebt verschijnen in het
bleke licht van de sterren als een waaier aan grijstinten. De deur in het zuiden
leidt terug naar de overloop.

Op het bureau is een dagboek.

Je ziet een knuffelbeer.

>x plafond
(het plafond)
Beschilderd met liefelijke taferelen geeft het plafond Maartjes kamer onder
normale omstandigheden een vrolijk en zorgenloos uiterlijk.

>x bed
Onder het raam staat Maartjes bed, een ruim kinderledikant dat, zoals bijna alle
meubels in jullie huis, een product is van jouw nijvere arbeid. Het bed is
keurig opgemaakt, de dekens perfect recht, het kussen opgeklopt. Te maagdelijk,
te onaangeraakt, alsof het niet bestemd is voor menselijk gebruik.

>raak bed aan
Je voelt niets onverwachts.

>trek de dekens erof
Ik begrijp alleen het gedeelte: trek Maartjes deken.

>trek de dekens van het bed
Ik begrijp alleen het gedeelte: trek Maartjes deken.

>trek de dekens weg
Ik begrijp alleen het gedeelte: trek Maartjes deken.

>trek aan de dekens
Je trekt verwoed aan de dekens van Maartjes bed om hun onverdraaglijke netheid
te verstoren.

>pink een traantje weg
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>x kussen
Verstopt onder het kussen vind je een klein koperen sleuteltje, dat je
verwonderd oppakt.

>i
Je hebt bij je:
  een sierlijk sleuteltje
  je werkkleding (gedragen)

>x sleuteltje
Het met delicate patronen versierde koperen sleuteltje vertoont sporen van
intensief gebruik.

>pak dagboek
Gepakt.

>x poppenhuis
Ooit heb je dit poppenhuis zelf in elkaar gezet: drie verdiepingen, met deurtjes
en raampjes die open en dicht kunnen, allerhande meubels, en houten popjes met
fijn gesneden gezichten die de woning kunnen bevolken. Hilde heeft gordijntjes
gemaakt, vloerkleedjes en kleertjes voor de poppen.

>x poppen
In het poppenhuis leven vier popjes: een vaderpop, een moederpop, een poppenzoon
en een poppendochter. Vaderpop zit een krant te lezen op de bank in de
woonkamer, terwijl moederpop, waarschijnlijk bezig met een maaltijd, in de
keuken staat. Het poppenzoontje staart bedachtzaam uit een raam naar buiten, en
de poppendochter ligt, nog gekleed in haar rode jurkje, op bed in haar
slaapkamer.

>x poppendochter
In het poppenhuis leven vier popjes: een vaderpop, een moederpop, een poppenzoon
en een poppendochter. Vaderpop zit een krant te lezen op de bank in de
woonkamer, terwijl moederpop, waarschijnlijk bezig met een maaltijd, in de
keuken staat. Het poppenzoontje staart bedachtzaam uit een raam naar buiten, en
de poppendochter ligt, nog gekleed in haar rode jurkje, op bed in haar
slaapkamer.

>x vaderpop
In het poppenhuis leven vier popjes: een vaderpop, een moederpop, een poppenzoon
en een poppendochter. Vaderpop zit een krant te lezen op de bank in de
woonkamer, terwijl moederpop, waarschijnlijk bezig met een maaltijd, in de
keuken staat. Het poppenzoontje staart bedachtzaam uit een raam naar buiten, en
de poppendochter ligt, nog gekleed in haar rode jurkje, op bed in haar
slaapkamer.

>speel met de poppen
Je zet je op je knien voor het poppenhuis neer, en kijkt de popjes even
mismoedig aan. Dan pak je de moederpop met je linkerhand op en de vaderpop met
je rechterhand. Je laat vader door een deurtje het huis binnenkomen.

"Zo moeder," zegt hij, "ik heb vandaag weer hard gewerkt. Je hebt geen idee hoe
hongerig ik ben."

"Nou vader," antwoordt ze in een raar hoog stemmetje, "dat schikt, want ik heb
een hele poppenpot vol poppenpap gekookt vandaag. Kinders, komen jullie eten,
vader is thuis!"

Je zet de twee popjes op hun poppenstoeltjes neer, en pakt de poppendochter. Ze
loopt naar de huiskamer, en wanneer ze haar vader ziet roept ze: "Pappie!"


Verdrietig sluit je je ogen en leg je de popjes weg.

>x poppen
In het poppenhuis leven vier popjes: een vaderpop, een moederpop, een poppenzoon
en een poppendochter. Vaderpop en moederpop zitten op de stoeltjes rond het
tafeltje, waar je ze zojuist zelf hebt neergezet. Het poppenzoontje staart
bedachtzaam uit een raam naar buiten, en de poppendochter ligt, nog gekleed in
haar rode jurkje, in de keuken op de grond.

>x raam
Dreigend kijken de naaldbossen je aan door het venster, hun vijandig stilzwijgen
een belofte van ontbering en gevaar. Ergens, diep in hen verscholen, ligt het
slot van de baron. En ergens, diep in zijn slot, de kerker waar Maartje gevangen
zit. Je ziet haar voor je, hoe ze nu, op dit moment, schreit om haar vader,
eenzaam, alleen, verlaten, opgesloten in een steenkoude cel.

>x slot
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>kijk

In Maartjes kamer
Zonder Maartjes stralende aanwezigheid lijkt haar kamer doods en leeg. Het geeft
een droeve aanblik: een bed waar niet in geslapen wordt, een poppenhuis waar
niet mee gespeeld wordt, een bureau waaraan niet gestudeerd wordt. De bonte
kleuren waarin jij haar plafond en meubilair geverfd hebt verschijnen in het
bleke licht van de sterren als een waaier aan grijstinten. De deur in het zuiden
leidt terug naar de overloop.

Je ziet een knuffelbeer.

>x kast
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x meubilair
Een bed, een bureau en een prachtig in elkaar gezet poppenhuis, compleet met
kleine bedjes, bureautjes en -  nee, niet met een klein poppenhuisje - vormen
het meubilair van Maartjes kamer.

>droste :)
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>pak de dochterpop
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>*ik was even op zoek naar het rode jurkje van maartje ofzo
[Commentaar bewaard.]

>x beer
Bruin is al vele jaren Maartjes favoriete knuffel en trouwste compaan. De
glimlach op zijn snuit is bemoedigend, en ook al zijn Bruins ogen slechts
knopen, toch lijkt er iets van intelligentie in zijn blik te zitten.

>aai beer
Je voelt niets onverwachts.

>dag beer
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>zeg: "dag beer"
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>help


Welke opdrachten een gegeven verhaal begrijpt kan sterk verschillen, maar er is
een basis van algemene en zeer handige opdrachten die vrijwel elk verhaal
begrijpt. De volgende opdrachten zullen u in bijna elk verhaal van pas komen; er
wordt ook een Engelse variant gegeven, omdat het overgrote merendeel van de
interactieve fictie nu eenmaal in het Engels is:


KIJK:

Ook afgekort als K. Deze opdracht laat de hoofdpersoon rondkijken, en toont u zo
nogmaals de beschrijving van de kamer waar hij of zij zich in bevindt. (In het
Engels: LOOK en L.)

BEKIJK <voorwerp, persoon>:

Ook afgekort als B of X. De hoofdpersoon zal nauwkueriger kijken naar de persoon
of het voorwerp dat u hem of haar vraagt te bekijken. Het is meestal verstandig
om alles wat u belangrijk lijkt voor het verhaal te bekijken wanneer u het
tegenkomt. Bekijk ook eens de dingen die u bij zich draagt, of de hoofdpersoon
zelf: BEKIJK ME, X MIJ, of iets dergelijks. (In het Engels: EXAMINE en X.)

INVENTARIS:

Ook afgekort als I. Dit commando toont alles wat de hoofdpersoon bij zich
draagt; dus alles wat u heeft opgepakt, en eventuele dingen die de hoofdpersoon
al vanaf het begin van het spel bij zich had. Het is vaak een goed idee I te
typen aan het begin van een verhaal. (In het Engels: INVENTORY of I.)

GA <richting>:

Er zijn tien standaard richtingen: NOORD, ZUID, WEST, OOST, ZUIDWEST, ZUIDOOST,
NOORDWEST, NOORDOOST, OMHOOG en OMLAAG. Deze kunnen allemaal afgekort worden,
tot respectievelijk: N, Z, W, O, ZW, ZO, NW, NO, H en L. Bovendien kan het GA
commando weggelaten worden: GA NOORD, NOORD, GA N en N hebben dus allemaal
hetzelfde effect. Sommige verhalen laten ook andere manieren van voortbewegen
toe: GA IN AUTO, bijvoorbeeld, of GA NAAR SLAAPKAMER. Dat zal u zelf moeten
uitzoeken. (In het Engels: N, S, W, E, SW, SE, NW, NE, U, D. Vergeet daar ook de
werkwoorden ENTER en EXIT niet.)


Een korte lijst met werkwoorden die voor zichzelf spreken:

PAK <voorwerp> of NEEM <voorwerp>

LEG <voorwerp>, LEG <voorwerp> NEER of LAAT <voorwerp> VALLEN

LEG <voorwerp 1> OP <voorwerp 2>

OPEN <voorwerp>

SLUIT <voorwerp>

GEEF <voorwerp> AAN <persoon>

DRAAG <kleding>


Enzovoorts. Probeer vooral door experimenteren erachter te komen welke
werkwoorden werken in een bepaalde situatie, en welke niet. Wanneer de schrijver
van een verhaal zijn werk goed gedaan heeft, dan zal de optie die u het meest
logisch lijkt ondersteund worden.

[Druk alstublieft op de SPATIEBALK.]


Welke opdrachten een gegeven verhaal begrijpt kan sterk verschillen, maar er is
een basis van algemene en zeer handige opdrachten die vrijwel elk verhaal
begrijpt. De volgende opdrachten zullen u in bijna elk verhaal van pas komen; er
wordt ook een Engelse variant gegeven, omdat het overgrote merendeel van de
interactieve fictie nu eenmaal in het Engels is:


KIJK:

Ook afgekort als K. Deze opdracht laat de hoofdpersoon rondkijken, en toont u zo
nogmaals de beschrijving van de kamer waar hij of zij zich in bevindt. (In het
Engels: LOOK en L.)

BEKIJK <voorwerp, persoon>:

Ook afgekort als B of X. De hoofdpersoon zal nauwkueriger kijken naar de persoon
of het voorwerp dat u hem of haar vraagt te bekijken. Het is meestal verstandig
om alles wat u belangrijk lijkt voor het verhaal te bekijken wanneer u het
tegenkomt. Bekijk ook eens de dingen die u bij zich draagt, of de hoofdpersoon
zelf: BEKIJK ME, X MIJ, of iets dergelijks. (In het Engels: EXAMINE en X.)

INVENTARIS:

Ook afgekort als I. Dit commando toont alles wat de hoofdpersoon bij zich
draagt; dus alles wat u heeft opgepakt, en eventuele dingen die de hoofdpersoon
al vanaf het begin van het spel bij zich had. Het is vaak een goed idee I te
typen aan het begin van een verhaal. (In het Engels: INVENTORY of I.)

GA <richting>:

Er zijn tien standaard richtingen: NOORD, ZUID, WEST, OOST, ZUIDWEST, ZUIDOOST,
NOORDWEST, NOORDOOST, OMHOOG en OMLAAG. Deze kunnen allemaal afgekort worden,
tot respectievelijk: N, Z, W, O, ZW, ZO, NW, NO, H en L. Bovendien kan het GA
commando weggelaten worden: GA NOORD, NOORD, GA N en N hebben dus allemaal
hetzelfde effect. Sommige verhalen laten ook andere manieren van voortbewegen
toe: GA IN AUTO, bijvoorbeeld, of GA NAAR SLAAPKAMER. Dat zal u zelf moeten
uitzoeken. (In het Engels: N, S, W, E, SW, SE, NW, NE, U, D. Vergeet daar ook de
werkwoorden ENTER en EXIT niet.)


Een korte lijst met werkwoorden die voor zichzelf spreken:

PAK <voorwerp> of NEEM <voorwerp>

LEG <voorwerp>, LEG <voorwerp> NEER of LAAT <voorwerp> VALLEN

LEG <voorwerp 1> OP <voorwerp 2>

OPEN <voorwerp>

SLUIT <voorwerp>

GEEF <voorwerp> AAN <persoon>

DRAAG <kleding>


Enzovoorts. Probeer vooral door experimenteren erachter te komen welke
werkwoorden werken in een bepaalde situatie, en welke niet. Wanneer de schrijver
van een verhaal zijn werk goed gedaan heeft, dan zal de optie die u het meest
logisch lijkt ondersteund worden.

[Druk alstublieft op de SPATIEBALK.]


"De baron" is een verhaal. Maar waar bij traditionele verhalen de tekst die de
lezer voorgeschoteld zal krijgen al van tevoren vast staat, en hij of zij deze
alleen maar tot zich hoeft te nemen, wordt van de lezer bij een interactief
verhaal als "De baron" meer eigen inbreng verwacht. Telkens wanneer het
programma een stuk tekst heeft getoond verschijnt er een prompt op het scherm,
waarachter u verwacht wordt een opdracht in te typen. Door middel van deze
opdrachten stuurt u het verhaal een bepaalde richting in.

U speelt dus zelf een actieve rol in de fictieve wereld. Centraal in het verhaal
staat een hoofdpersoon, die de computer met u identificeert. U bestuurt de
hoofdpersoon door hem opdrachten te geven. Wanneer u de opdracht 'BEKIJK BED'
intypt, zal de hoofdpersoon naar het bed kijken, wat een meer gedetaileerde
beschrijving van dit voorwerp oplevert. Typt u 'PAK DE KNUFFEL', dan wordt de
knuffel opgepakt; bij 'OPEN DEUR' zal de hoofdpersoon de deur proberen te
openen; etcetera. Experimenteer vooral met deze en andere werkwoorden, een deel
van het plezier van interactieve fictie is het uitzoeken wat er allemaal
mogelijk is in de fictieve wereld.

U dient er wel rekening mee te houden dat het programma maar een beperkte
woordenschat heeft, en dus het beste in zo kort mogelijke zinnen aangesproken
kan worden. Waar 'PAK DE KNUFFEL' en 'PAK KNUFFEL' allebei werken, zal 'RAAP HET
PLUIZIGE BEEST OP' waarschijnlijk geen effect meer sorteren, en is 'ZOU JE
ALSJEBLIEFT DE KNUFFEL WILLEN OPPAKKEN?' voor de computer helemaal niet meer te
begrijpen. Probeer dus in het algemeen uw doel met korte opdrachten, gebruik
makend van zo simpel mogelijke werkwoorden, te bereiken.

Men dient het programma echter ook niet te onderschatten. Complexe zinnen als
'LEG DE KLEDING OP DE STOEL', 'OPEN DE DEUR MET DE BRONZEN SLEUTEL' en 'LEG
ALLES OP TAFEL BEHALVE DE KRUIK' worden door veel programma's zonder moeite
begrepen, als die voorwerpen althans aanwezig zijn in de fictieve wereld.

Tot slot is het nuttig u te bedenken dat de complexiteit van het programma
beperkt is, en dus niet een hele wereld gemodelleerd kan worden. Zo is het in
het algemeen het geval dat het programma wel bijhoudt in welke kamer u bent,
maar niet waar u precies in die kamer bent, of welke kan u op gedraaid staat.
Opdrachten als 'LOOP NAAR DE KAST' en 'DRAAI JE OM' zullen dus in de meeste
verhalen geen effect hebben. Wanneer u meer interactieve fictie leest ontdekt u
vanzelf welke aspecten meestal wel, en welke meestal niet woren gemodelleerd in
verhalen.

[Druk alstublieft op de SPATIEBALK.]


De meeste interactieve verhalen ondersteunen een aantal belangrijke meta-
opdrachten. Deze hebben geen invloed op het verhaal, maar kunnen voor de lezer
wel zeer nuttig zijn.


SAVE:

U geeft een bestandsnaam in, en de huidige stand van het verhaal wordt bewaard,
zodat u er later weer naar kunt terugkeren.

LOAD:

U geeft een bestandsnaam in, en de daar opgeslagen positie van het verhaal wordt
hersteld. Met behulp van SAVE en LOAD kunt u voorkomen dat u het verhaal opnieuw
moet beginnen wanneer u iets gevaarlijks probeert te doen en dat verkeerd
afloopt.

RESTART:

Hiermee start u het verhaal helemaal opnieuw.

QUIT:

Hiermij sluit u het verhaal af. Het programma zal u om een bevestiging vragen.
In plaats van 'ja' en 'nee' kunt u ook 'j' en 'n' typen.

UNDO:

Hiermee kunt u de opdracht die u het laatst heeft ingevoerd ongedaan maken. Het
spel keert terug naar de toestand waarin het daarvoor was.

[Druk alstublieft op de SPATIEBALK.]


Welke opdrachten een gegeven verhaal begrijpt kan sterk verschillen, maar er is
een basis van algemene en zeer handige opdrachten die vrijwel elk verhaal
begrijpt. De volgende opdrachten zullen u in bijna elk verhaal van pas komen; er
wordt ook een Engelse variant gegeven, omdat het overgrote merendeel van de
interactieve fictie nu eenmaal in het Engels is:


KIJK:

Ook afgekort als K. Deze opdracht laat de hoofdpersoon rondkijken, en toont u zo
nogmaals de beschrijving van de kamer waar hij of zij zich in bevindt. (In het
Engels: LOOK en L.)

BEKIJK <voorwerp, persoon>:

Ook afgekort als B of X. De hoofdpersoon zal nauwkueriger kijken naar de persoon
of het voorwerp dat u hem of haar vraagt te bekijken. Het is meestal verstandig
om alles wat u belangrijk lijkt voor het verhaal te bekijken wanneer u het
tegenkomt. Bekijk ook eens de dingen die u bij zich draagt, of de hoofdpersoon
zelf: BEKIJK ME, X MIJ, of iets dergelijks. (In het Engels: EXAMINE en X.)

INVENTARIS:

Ook afgekort als I. Dit commando toont alles wat de hoofdpersoon bij zich
draagt; dus alles wat u heeft opgepakt, en eventuele dingen die de hoofdpersoon
al vanaf het begin van het spel bij zich had. Het is vaak een goed idee I te
typen aan het begin van een verhaal. (In het Engels: INVENTORY of I.)

GA <richting>:

Er zijn tien standaard richtingen: NOORD, ZUID, WEST, OOST, ZUIDWEST, ZUIDOOST,
NOORDWEST, NOORDOOST, OMHOOG en OMLAAG. Deze kunnen allemaal afgekort worden,
tot respectievelijk: N, Z, W, O, ZW, ZO, NW, NO, H en L. Bovendien kan het GA
commando weggelaten worden: GA NOORD, NOORD, GA N en N hebben dus allemaal
hetzelfde effect. Sommige verhalen laten ook andere manieren van voortbewegen
toe: GA IN AUTO, bijvoorbeeld, of GA NAAR SLAAPKAMER. Dat zal u zelf moeten
uitzoeken. (In het Engels: N, S, W, E, SW, SE, NW, NE, U, D. Vergeet daar ook de
werkwoorden ENTER en EXIT niet.)


Een korte lijst met werkwoorden die voor zichzelf spreken:

PAK <voorwerp> of NEEM <voorwerp>

LEG <voorwerp>, LEG <voorwerp> NEER of LAAT <voorwerp> VALLEN

LEG <voorwerp 1> OP <voorwerp 2>

OPEN <voorwerp>

SLUIT <voorwerp>

GEEF <voorwerp> AAN <persoon>

DRAAG <kleding>


Enzovoorts. Probeer vooral door experimenteren erachter te komen welke
werkwoorden werken in een bepaalde situatie, en welke niet. Wanneer de schrijver
van een verhaal zijn werk goed gedaan heeft, dan zal de optie die u het meest
logisch lijkt ondersteund worden.

[Druk alstublieft op de SPATIEBALK.]




In Maartjes kamer
Zonder Maartjes stralende aanwezigheid lijkt haar kamer doods en leeg. Het geeft
een droeve aanblik: een bed waar niet in geslapen wordt, een poppenhuis waar
niet mee gespeeld wordt, een bureau waaraan niet gestudeerd wordt. De bonte
kleuren waarin jij haar plafond en meubilair geverfd hebt verschijnen in het
bleke licht van de sterren als een waaier aan grijstinten. De deur in het zuiden
leidt terug naar de overloop.

Je ziet een knuffelbeer.

>praat met beer
Dat kun je alleen met een levend wezen doen.

>
*aha. Ik was in de help aan het zoeken naar de juiste "praatsyntax" misschien is het handig om daar 1-2 regels over toe
[Commentaar bewaard.]

>*te voegen.
[Commentaar bewaard.]

>neem beer mee
Gepakt.

>z

Op de overloop
De overloop is gehuld in een schemerig duister. Maanlicht schijnt naar binnen
door de open deur naar de slaapkamer in het zuiden. Aan de noordkant van de
overloop staat de rode deur naar Maartjes kamer op een kier. Naast de trap naar
beneden staat een elegant kastje, waarboven een grote spiegel in een vergulde
lijst prijkt.

>x kastje
Dit sierlijk gesneden kastje is een van de weinige meubels in huis die je niet
zelf gemaakt hebt: het komt uit de erfenis van Hildes grootmoeder. De twee
deurtjes aan de voorkant sluiten niet helemaal goed, een mankement dat je al
jaren van plan bent te verhelpen, maar waar het nooit van komt.

>x deurtjes
Gemaakt van hetzelfde kersenhout als de rest van het kastje zijn ze door de tand
des tijds enigszins scheef in hun scharnieren komen te hangen.

>open deurtjes
Je opent het kastje, en onthult een fotoboek.

>x fotoboek
In dit dikke boek plakt Hilde alle foto's die van jullie gezinnetje gemaakt
worden, al vanaf de geboorte van Maartje. Je slaat het fotoalbum open, en ziet
het geboortekaartje van Maartje. Negentien december, slechts enkele dagen voor
kerstmis. Je slaat om, en daar ligt ze als baby in bad. Hilde, uitgeput in het
ziekenhuisbed, houdt een huilende Maartje lachend in haar armen. Jijzelf,
apetrots, houdt haar omhoog naar de fotograaf. De grootouders van beide kanten
staan om het ziekenhuisbed.

Even laat je je mee drijven op een stroom van gelukzalige herinneringen, maar de
gedachte aan de baron brengt je al snel terug naar de realiteit. Verstoord kijk
je op. Er staan nog meer foto's in het album.

>x fotoboek
Je bladert verder door het album, en ziet Maartje steeds verder opgroeien.
Tientallen gelukkige momenten uit een idyllische jeugd zijn hier vereeuwigd.

Maanden heb je in het geheim in de schuur gewerkt aan een poppenhuis voor
Maartjes vierde verjaardag. Drie verdiepingen, met deurtjes en raampjes die open
en dicht kunnen, allerhande meubels, en houten popjes met fijn gesneden
gezichten die de woning kunnen bevolken. Hilde heeft gordijntjes gemaakt,
vloerkleedjes en kleertjes voor de poppen. Nu staat het prachtige resultaat in
kleurig feestpapier verpakt in een hoek van de kamer, en Maartje rent er op af
en scheurt het papier aan repen. Ze slaakt een kreetje van verbazing, en kijkt
dan minutenlang verwonderd naar het poppenhuis, opent de deurtjes, beweegt de
poppen, doet de gordijnen dicht. Dan draait ze zich om, en rent lachend naar
jullie toe om je te bedanken. Haar hoge gekir klinkt nu, acht jaar later, nog na
in je oren.

>x fotoboek
Je bladert verder door het album, en ziet Maartje steeds verder opgroeien.
Tientallen gelukkige momenten uit een idyllische jeugd zijn hier vereeuwigd.

Het is midden in de zomer, en jullie zijn gedrien het bos in getrokken voor een
ouderwetse picknick. De zevenjarige Maartje rent steeds vooruit, terwijl Hilde
en jij met de zware mand tussen jullie in gestaag tempo over het pad lopen.
"Pappie!," roept ze plotseling, ergens links van jullie uit het bos. "Pappie,
kom eens kijken!" Hilde, rolt haar ogen en neemt de mand met twee handen vast,
zodat jij vrij bent het bos in te duiken. Een meter of twintig van het pad af
staat ze bij een buddleia waar zoveel koolwitjes omheen zwermen dat de paarse
bloemen nauwelijks te zien zijn. "Kijk pappa!," roept ze, en springt naar de
struik toe. Alle vlinders vliegen op, en voor een moment is ze een engel in een
witte wolk van vleugels.

>x fotoboek
Je bladert verder door het album, en ziet Maartje steeds verder opgroeien.
Tientallen gelukkige momenten uit een idyllische jeugd zijn hier vereeuwigd.

Het is een half jaar later, in de ijzige wintermaanden. Met Maartje ben je gaan
sleen over het dikke pak sneeuw dat zich de afgelopen dagen over het dorp heeft
afgezet. Jullie zijn helemaal naar de top van de Barentopf gesleed. "Pappa, m'n
handen doen zeer," klaagt Maartje. "Ze zijn zo koud." Voorzichtig neem je haar
kleine in jouw grote handen, en wrijf je ze warm. Je buigt je voorover en zoent
haar op haar koude voorhoofd.

>x fotoboek
De laatste foto's in het album zijn van Maartjes negende verjaardag. Verbaasd
sla je lege pagina's hierna om. Slechts de lijmresten van fotoplakkertjes
doorbreken het egale zwart waar de foto's van de afgelopen drie jaren zouden
moeten prijken.

>
Pardon?

>l
Behoedzaam zoek je je weg door de duisternis naar beneden. In de gang neem je
even de tijd om je lange winterjas aan te trekken, en dan open je de voordeur en
stap je naar buiten de tuin in.


In de tuin
Ook je voortuin is bedolven onder een dikke laag sneeuw, die alle planten aan
het zicht onttrekt. Alleen een paar kale struiken die zich tegen het tuinhek aan
schurken steken door de witte deken heen. Achter je leidt de voordeur terug het
huis in, terwijl de weg naar het oosten zich door het dorp en het woud heen naar
het kasteel van de baron slingert. Vanuit zijn onbereikbare hoogte kijkt de maan
verwijtend op je neer. Het uiterste puntje van de kerktoren steekt boven de
huizen aan de overkant uit.

Je ziet een brievenbus (die dicht is) en een bijl.

>pak bijl
Gepakt.

>verscheur de brief
Ik begrijp alleen het gedeelte: verscheur de maan.

>Check
(de brievenbus)
Een kleine brievenbus hangt aan de buitenkant van het tuinhek.

>open brievenbus
Je opent de brievenbus, en onthult een brief van de baron.

>verscheur de brief
Woedend verscheur je de brief in tientallen kleine snippertjes. Hoe durft hij!
"Ik houd van haar," schrijft hij - vast! De gewetenloze schurk...

>pak de snippers
Gepakt.

>o
Heel even aarzel je, maar dan stap je vastbesloten de weg naar het donkere woud
op. In het dorp is geen teken van leven te bekenen. Langzaam wordt je boos op al
je buren en mededorpelingen. Waar zijn ze wanneer je ze nodig hebt? Waarom is er
niet n bij die het lef heeft Maartje te bevrijden? Een gebrek aan liefde - dat
is wat mensen in staat stelt de problemen van anderen te negeren. Iedereen weet
wat er aan de hand is, maar niemand doet iets, omdat niemand zich
verantwoordelijk voelt.

Na enkel minuten bereik je de rand van het bos. Alsof je de donkere muil van een
enorm en kwaadaardig beest in loopt, zo is het om het pad onder het overhangende
bladerdek van de naaldbomen te volgen. Het licht van de maan bereikt de grond
nauwelijks, en meermaals struikel je over grote takken die als valstrikken onder
de sneeuw liggen te wachten.

Met ferme tred stap je verder, terwijl je probeert te bedenken hoe je het
gemakkelijkst het kasteel van de baron in kan komen. Dan wordt je uit je
overpeinzingen opgeschrikt door het gehuil van wolven. Het is moeilijk schatten,
maar je zou verbaasd zijn als ze meer dan een kilometer van je verwijderd zijn.
En het is nog zeker tien kilometer oostwaards naar het kasteel van de baron.


Lopend op een pad in het woud
Op de meest zonnige dagen is het al schemerig in dit dichte naaldbos, en in het
holst van deze winternacht is het pikdonker. Een nauwelijks als zodanig
herkenbaar pad loopt van het dorp in het westen naar het kasteel in het oosten.
Te dichtbij, van links, klinkt het gehuil van een roede wolven. In dit jaargetij
is er geen wild te vinden, en zijn de wolven hongerig, brutaal en zelfs voor
mensen gevaarlijk.

> kijk rond
Ik begrijp alleen het gedeelte: kijk.

>kijk

Lopend op een pad in het woud
Op de meest zonnige dagen is het al schemerig in dit dichte naaldbos, en in het
holst van deze winternacht is het pikdonker. Een nauwelijks als zodanig
herkenbaar pad loopt van het dorp in het westen naar het kasteel in het oosten.
Te dichtbij, van links, klinkt het gehuil van een roede wolven. In dit jaargetij
is er geen wild te vinden, en zijn de wolven hongerig, brutaal en zelfs voor
mensen gevaarlijk.

>x o
Je ziet niets bijzonders aan het oosten.

>o

Op een pad in het woud
Het pad is hier smal en kronkelig, en in de sneeuw nauwelijks te herkennen.
Maanlicht schijnt slechts hier en daar tussen de beladen takken van de dennen
door. Oostwaards ligt het kasteel van de baron, naar het westen leiden je
voetstappen terug naar het dorp.

Vanuit de bomen aan de linkerkant van het pad springt plots een donkere schim
naar voren. Het is een wolvin; ze blijft op enkele meters afstand van je staan,
midden op het pad, jou fixerend met twee ogen waarin de maan zich spiegelt. Uit
haar keel klinkt een fel gegrom.

>x wofl
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x wolf
Voor een wolvin is ze groot en buitengewoon fel, maar het is duidelijk dat de
winter zijn tol eist: ze is mager, haast vel over been, en haar vacht is vuil en
glansloos.

De wolvin open haar bek, twee rijen scherpe tanden ontblotend. Vanuit het bos
sluipt een tweede gestalte naar haar toe: een nog jonge wolf, uitzonderlijk
mager.

>x jonge wolf
Het jonge wolfje heeft net als zijn moeder een donkergrijze vacht, vies en
glansloos geworden door ontberingen. Je kan al zijn ribben tellen, zo mager is
het; als de moeder niet snel prooi vindt zal het de winter niet overleven.

Aarzelend zet de wolvin twee stappen in je richting. In haar gegrom klinkt naast
felheid ook angst mee.

>kus de wolf
Zenuwachtig slik je, maar dan steek je je hand uit naar de wolf, terwijl je
zachtjes lieve woordjes begint te mompelen.

"Kom maar, wolfje. Kom maar. Lieve wolf. Lief, ja, lieve wolf. Kom maar..."

Aarzelend komt de wolvin dichterbij, onzeker over jouw intenties. Even ruikt ze
aan je hand, likt hem dan. Jij zet je op je knien in de sneeuw, kwetsbaar, en
streelt zachtjes over de kop van de wolf. Ze loopt nog dichter naar je toen, en
likt je gezicht. Je slaat je armen om haar hals heen, lachend.

(1) Kalmeer de wolvin volledig.
(2) Breek haar nek.

Selecteer een optie >> 1

"Goed zo, rustig maar. We willen allebei niet vechten, wel?", zeg je zachtjes in
haar oor.

Alle spanning verdwijnt uit haar spieren. Minutenlang blijven jullie zo zitten:
jij omarmt haar, zij laat haar kop op je schouder rusten. Ook het jonge wolfje
kruipt, na enig twijfelen, dicht tegen je aan.

Maar je kan Maartje en het belang van je queeste niet uit je hoofd zetten. Je
laat de wolvin los en staat op.

"Het spijt me, maar ik kan verder niets voor je doen. Ik moet gaan, om mijn
dochter te redden."

De beide wolven kijken je begrijpend aan. Dan lopen ze op hun gemak terug het
bos in, op zoek naar een andere prooi die hun leven kan redden.

>o

Op een pad in het woud
Vanaf dit stuk van het kronkelige bospad kan je het kasteel van de baron in het
oosten zien oprijzen. Het silhouet met de drie scheve torens staat afgetekend
tegen de sterrenhemel. Een spoor van voetstappen - de jouwe - geeft het pad in
het westen aan. Hier, zo dicht bij het domein van de baron, zijn zelfs de wolven
stil.

>x voetstappen
Ze staan precies waar jij gelopen hebt, vanuit het westen hierheen.

>x slot
Het kasteel van de baron is een wonderlijk bouwwerk: het heeft drie grote
torens, waarvan de buitenste twee naar buiten hellen. De middelste toren, breder
en hoger dan de andere, lijkt altijd te leunen naar de kant waarvan je hem
bekijkt. In het slot brandt voor zover je kan zien geen enkel licht.

>o

Bij de poort van het kasteel
De ophaalbrug van het kasteel is neergelaten, twintig meter houten planken
waarmee je de diepe slotgracht in het noorden kunt oversteken. Aan het andere
einde bewaakt de massieve toegangspoort de ingang tot het slot; maar de deuren
staan wagenwijd open. De drie torens lijken vanaf hier tot aan de hemel te
reiken, en de vele waterspuwers en gargouilles die de muren bevolken geven het
kasteel een zeer onvriendelijk uiterlijk.

Het geluid van vleugelslagen doet je omhoog kijken, waar de kantelen, torens en
monsterlijk grote waterspuwers van het kasteel zich aftekenen tegen de
sterrenhemel. Een van de gargouilles heeft zijn vleugels gespreid, en zeilt met
trage slagen naar de ophaalbrug beneden. Enkele meters voor je landt hij, een
stenen demon zo groot als een man. Twee inktzwarte ogen staren je aandachtig
aan.

Dan zegt de gargouille met een stem als scheurende rots: "Gespannenheid is een
slechte basis voor oordelen; met gemoedsrust keert de wijsheid weer. Maar is wie
altijd zijn emoties kalmeert nog wel in staat te handelen wanneer het er op
aankomt?"

(1) "Ja. Alleen in afstandelijke, rationele beschouwing kunnen alle voors en
tegens goed tegen elkaar worden afgewogen en de juiste beslissing gemaakt. Wie
zich door zijn lusten en onlusten laat leiden zal niets dan verdriet oogsten."
(2) "Nee. Maar in mijn hart brandt het vuur van de woede, en dat geeft mij de
kracht om de ware schuldige - de baron - te confronteren en te dwingen, op welke
wijze dan ook, mijn dochter te laten gaan. Mijn gevoelens zijn verre van dood."
(3) "Voor handelen is alleen wil nodig, en de wil is onafhankelijk van het
gevoel. Een wilskrachtig persoon zal het noodzakelijke kunnen doen, ook wanneer
hij niets voelt. Voor een persoon met een zwakke wil zal zelfs de heftigste
emotie te weinig zijn."

Selecteer een optie >> 2

De gargouille kijkt bedachtzaam, alsof hij je antwoord in overweging neemt. Dan
knikt hij kort.

"Opnieuw kom je hier, om opnieuw hetzelfde te bereiken. Geloof je nog dat het
ooit anders zal aflopen?"

(1) "Je vergist je. Dit is de eerste maal dat ik hier kom."
(2) "'Opnieuw'? Bedoel je dat ik al vaker hier geweest ben, al vaker het kasteel
van de baron ben binnen gedrongen?"
(3) "Opnieuw en opnieuw en opnieuw, en zo door de eeuwigheid, totdat het me lukt
er een einde aan te maken. Er is altijd nog een kans."
(4) "Nee, ik kan niet veranderen. Ik heb het geprobeerd, dat weet je. Maar de
cirkel van het noodlot is te sterk: ik ben gedoemd voor eeuwig rond te lopen, en
met elke rondgang verf ik mijn ziel een tint zwarter."

Selecteer een optie >> 3
"Zo vertel je me, iedere nacht." De gargouille buigt zich naar je toe, zodat
jullie gezichten op dezelfde hoogte en slechts enkele decimeters van elkaar
zijn. "Maar is er echt altijd nog een kans? Hoe weet je dat je niet, net als ik,
veroordeeld bent tot de eeuwige wederkeer van het leed?"

(1) "Weten doe ik niets, maar ik blijf hopen. Pas wanneer ik de hoop verloren
heb zal ik echt een gevangene van mijn daden zijn geworden."
(2) "Omdat ik, diep van binnen, mens ben gebleven. Ik ben altijd blijven vechten
tegen mijn lot. Elke nacht opnieuw heb ik deze tocht ondernomen, nog nooit heb
ik de moed opgegeven. Eens zal ik mezelf overwinnen. Misschien niet vannacht,
misschien niet dit jaar, maar ooit zal het lukken."
(3) "Stil! Probeer me niet met jouw pessimisme te infecteren. Er bestaat altijd
de kans dat er iets gebeurt dat mij bevrijdt!"

Selecteer een optie >> 2
"Mens, ja. Al te veel mens, misschien - maar wie ben ik om dat te beoordelen?
Zolang je blijft vechten is er hoop; ik hoop alleen dat je weet tegen wie je
moet vechten."

(1) "Ik moet vechten tegen de baron."
(2) "Ik moet vechten tegen mijzelf."
(3) "Ik moet vechten tegen de onverschilligheid van wereld."

Selecteer een optie >> 2
"Heel juist. Dwazen denken dat dat het gemakkelijkste gevecht is; wijzen weten
dat het het lastigste is." De gargouille kijkt je even onderzoekend aan. "Ik
voer ook strijd tegen mijzelf. Zou je mijn verhaal willen horen?"

(1) "Graag. Het lijkt me heel leerzaam."
(2) "Ik heb daar geen tijd voor. Het gevecht wacht."

Selecteer een optie >> 2
"Natuurlijk. Vergeef me, ik wilde je niet ophouden." Zijn stem is dof.

Dan draait de gargouille zich om en stijgt met enkele slagen van zijn zwarte
vleugels op. Voor je nog iets kunt uitbrengen verdwijnt hij in het duister van
de nacht.

>
Pardon?

>ga het kasteel binnen

De hal van het kasteel
Achter een faade van gaafheid gaat een heuse rune schuil. De helft van de
muren van de geheel lege grote hal is ingestort, en de maan schijnt ongehinderd
naar binnen langs het skelet van een dak. De rest van het kasteel is er niet
beter aan toe: grote, ondergesneeuwde hopen steen geven aan waar vroeger
gebouwen hebben gestaan. Alleen in het oosten leidt een doorgang naar een zaal
die nog redelijk intact is. Van het gebouw in het westen staan nog een aantal
muren overeind, en in het noordwesten kronkelt een smal pad tussen een rotsblok
en een massief beeld door naar de binnenplaats.

>save
Enter a file name.
Default is "a1baron.sav": 
Ok.

>w

Geruneerd bijgebouw
Afbrokkelende muurtjes steken boven het puin uit, en geven zo een indruk hoe het
gebouw er vroeger uit heeft gezien. Nu is er geen enkel teken van leven meer, en
alleen de stenen herinneren zich nog hoe hier ooit de bedienden leefden, lachten
en de liefde bedreven. Wat over is van de grote hal van het kasteel ligt in het
oosten; in het noorden kan je je tussen de resten van de rune door een weg naar
de binnenplaats banen.

In een hoek van de rune ligt een hoop stenen die niet door sneeuw bedekt zijn.

Je ziet ook een doorweekte pagina.

>x pagina
Een vel papier dat nat is geworden, zodat de met zwarte inkt geschreven zinnen -
het aandachtige handschrift van een meisje - slechts hier en daar ontcijferbaar
zijn.

"... nog van mij? Waarom komt hij..."
"Wie kan ik om hulp vragen... mamma... niemand weet"
"...braaf. Ik zal doen wat hij zegt, en niet..."

>
Pardon?

>x hoop stenen
Hoofdgrote stenen vormen een rommelige hoop. Er ligt bijna geen sneeuw op,
terwijl de rest van het kasteel onder een centimeters dikke laag is bedolven.

>graag de stenen weg
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>graaf de stenen weg
Ik begrijp alleen het gedeelte: graaf de hoop stenen.

>verplaats de stenen
Welk voorwerp bedoel je precies als je zegt "verplaats de hoop stenen naar"?

>o
Dat kan niets bevatten.

>verplaats de stenen naar opzij
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x stenen
Hoofdgrote stenen vormen een rommelige hoop. Er ligt bijna geen sneeuw op,
terwijl de rest van het kasteel onder een centimeters dikke laag is bedolven.

>pak de stenen
De stenen zijn zwaar, maar met de nodige moeite lukt het je om ze opzij te duwen
en te rollen. Onder de stapel blijkt een metalen luik in de grond te zitten.

>open luik
Je opent het luik.

>x l
Je ziet niets bijzonders aan de vloer.

>l

Een vochtige kerker
In het zwakke schijnsel dat door het luik komt kan je net ontwaren dat dit een
kerker is geweest. Langs een van de muren bakent traliewerk een kleine cel af,
waarin je nog botten, ketens en - vreemd genoeg - een uitgemergelde moederpop
ziet liggen. Aan de andere kant van de kerker staan twee martelwerktuigen: een
rek en een ijzeren maagd. Waterdruppels vallen met onregelmatige tussenpozen van
het plafond op de koude stenen vloer.

Je hoort het zwijgen van verstilde stemmen.

Op het rek is een uitgerekte vaderpop.

>x vaderpop
De pop is een centimeter of veertig groot, bebaard en gekleed als een volwassen
man. Door de martelingen op het rek heeft hij zijn beste tijd gehad: de
ledematen zijn langer dan ze zouden moeten zijn en op het gezicht van de pop
ligt een uitdrukking van constante pijn.

>x poppen
Je kan alleen met de afzonderlijke poppen handelingen uitvoeren.

>x moederpop
Wat er precies met haar gebeurd is is lastig te zeggen, maar deze in
vrouwenkleding gestoken pop lijkt bleker en magerder dan de bedoeling geweest
kan zijn. Alsof zij al lange jaren onvoldoende voedsel binnen krijgt, of van
binnenuit verteerd wordt door zorgen.

>praat met moederpop
Dat kun je alleen met een levend wezen doen.

>x cel
De cel is minder dan een meter breed, maar wel zes meter lang. Ketens hangen aan
de muur, en een skelet ligt verslagen op de grond, zijn armen door de tralies
uitgestrekt, als bedelde hij om voedsel of drinken.

In de cel is een uitgemergelde moederpop.

>x skelet
Het is duidelijk het skelet van een volwassen persoon, die kennelijk ooit in
deze kerker aan zijn lot is overgelaten en eenzaam gestorven. Aan de ene kant is
het afschuwelijk, en wil je liever niet aan zijn of haar lot denken; aan de
andere kant ben je opgelucht dat het duidelijk niet de stoffelijke resten van
Maartje zijn.

>open cel
De deur van de cel lijkt op slot te zitten.

>open de cel met sleuteltje
Je steekt het koperen sleuteltje in het slot van de deur, dat vier maten te
groot lijkt, en draait het voorzichtig rond. Met een zachte klik springt het
slot open.

>x cel
De cel is minder dan een meter breed, maar wel zes meter lang. Ketens hangen aan
de muur, en een skelet ligt verslagen op de grond, zijn armen door de tralies
uitgestrekt, als bedelde hij om voedsel of drinken.

In de cel is een uitgemergelde moederpop.

>ga de cel in
Je kunt de cel niet binnengaan wanneer deze dicht is.

>op cel
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>open cel
Je trekt hard aan de ijzeren deur, die piepend en krakend op zijn roestige
scharnieren naar buiten openzwaait.

>ga de cel in
Je loopt de nauwe cel binnen.

>x
Welk voorwerp bedoel je precies als je zegt "onderzoek"?

>kijk

Een vochtige kerker (in de cel)
In het zwakke schijnsel dat door het luik komt kan je net ontwaren dat dit een
kerker is geweest. Langs een van de muren bakent traliewerk een kleine cel af,
waarin je nog botten, ketens en - vreemd genoeg - een uitgemergelde moederpop
ziet liggen. Aan de andere kant van de kerker staan twee martelwerktuigen: een
rek en een ijzeren maagd. Waterdruppels vallen met onregelmatige tussenpozen van
het plafond op de koude stenen vloer.

Je hoort het zwijgen van verstilde stemmen.

Op het rek is een uitgerekte vaderpop.

In de cel zie je een uitgemergelde moederpop.

>x moederpop
Wat er precies met haar gebeurd is is lastig te zeggen, maar deze in
vrouwenkleding gestoken pop lijkt bleker en magerder dan de bedoeling geweest
kan zijn. Alsof zij al lange jaren onvoldoende voedsel binnen krijgt, of van
binnenuit verteerd wordt door zorgen.

>x cel
De cel is minder dan een meter breed, maar wel zes meter lang. Ketens hangen aan
de muur, en een skelet ligt verslagen op de grond, zijn armen door de tralies
uitgestrekt, als bedelde hij om voedsel of drinken.

In de cel is een uitgemergelde moederpop.

>pak moederpop
Gepakt.

>x skelet
Het is duidelijk het skelet van een volwassen persoon, die kennelijk ooit in
deze kerker aan zijn lot is overgelaten en eenzaam gestorven. Aan de ene kant is
het afschuwelijk, en wil je liever niet aan zijn of haar lot denken; aan de
andere kant ben je opgelucht dat het duidelijk niet de stoffelijke resten van
Maartje zijn.

>pak vaderpop
Daar kan je vanuit de cel niet bij.

>verlaat de cel
Je loopt de nauwe cel weer uit.

>pak vaderpop
Je bevrijdt de vaderpop uit zijn benarde positie.

>x poppen
Je kan alleen met de afzonderlijke poppen handelingen uitvoeren.

>i
Je hebt bij je:
  een uitgerekte vaderpop
  een uitgemergelde moederpop
  een hoop stenen
  enkele snippers
  een bijl
  een winterjas (gedragen)
  een knuffelbeer
  een dagboek
  een sierlijk sleuteltje
  je werkkleding (gedragen)

>kijk

Een vochtige kerker
In het zwakke schijnsel dat door het luik komt kan je net ontwaren dat dit een
kerker is geweest. Langs een van de muren bakent traliewerk een kleine cel af,
waarin je nog botten en ketens ziet liggen. Aan de andere kant van de kerker
staan twee martelwerktuigen: een rek en een ijzeren maagd. Waterdruppels vallen
met onregelmatige tussenpozen van het plafond op de koude stenen vloer.

Je hoort het zwijgen van verstilde stemmen.

>x ijzeren maagd
Van buiten ziet de ijzeren maagd eruit als een metalen sarcofaag waar de
beeltenis van een meisje op gegraveerd is. Van binnen, zo weet je, zitten
scherpe punten die van overal in het lichaam van de ongelukkige zouden
binnendringen die erin werd opgesloten. Meestal werden ze zo geplaatst dat de
vitale organen niet geraakt werden, zodat de lijdensweg van het slachtoffer
extra lang duurde. Wanneer de deuren dicht zijn, zoals nu, is de maagd
geluidsdicht.

>x meisje
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x sarcofaag
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>open ijzeren maagd
Je opent de zware metalen deuren van de ijzeren maagd, die van binnen met
scherpe punten bezet zijn. Ook de binnenkant van de maagd zelf zit vol metalen
punten. Gespiest op n van hen hangt een kleine dochterpop.

>x dochterpop
Het kleine popje hangt hulpeloos aan een ijzeren punt die dwars door haar
lichaam steekt. Ze kijkt je aan met een blik van pure wanhoop.

>pak de dochterpop
Gepakt.

>x waterdruppels
Kleine druppels water verzamelen zich op het plafond en vallen, wanneer ze groot
genoeg zijn geworden, naar beneden om op de vloer weer te pletter te vallen.

>sluit ijzeren maagd
Met een rilling van afgrijzen sluit je de deuren weer.

>x beeltenis
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>h

Geruneerd bijgebouw
Afbrokkelende muurtjes steken boven het puin uit, en geven zo een indruk hoe het
gebouw er vroeger uit heeft gezien. Nu is er geen enkel teken van leven meer, en
alleen de stenen herinneren zich nog hoe hier ooit de bedienden leefden, lachten
en de liefde bedreven. Wat over is van de grote hal van het kasteel ligt in het
oosten; in het noorden kan je je tussen de resten van de rune door een weg naar
de binnenplaats banen.

Je ziet een doorweekte pagina.

>luister
Je sluit je ogen en luistert, luistert naar de stem van de stenen die eeuwig de
geschiedenis herhalen.

Mensen lachen. In een andere kamer foetert een vrouw iemand uit; je kan de
woorden niet verstaan, maar de lijn van haar verhaal is duidelijk. Een
geroezemoes van stemmen komt van alle kanten, een brei van woorden en stemmingen
die je geheel omgeeft als een warme deken. Boven alles uit klinkt, sereen en
droevig, een gefloten wijsje.

Je opent je ogen weer, en het gefluit en de stemmen verstommen. Alleen het
huilen van de wind verbreekt hier de sombere stilte.

>praat met dochterpop
Dat kun je alleen met een levend wezen doen.

>streel dochterpop
Je voelt niets onverwachts.

>kus dochterpop
Dat kun je alleen met een levend wezen doen.

>x briefje
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x pagina
Een vel papier dat nat is geworden, zodat de met zwarte inkt geschreven zinnen -
het aandachtige handschrift van een meisje - slechts hier en daar ontcijferbaar
zijn.

"... nog van mij? Waarom komt hij..."
"Wie kan ik om hulp vragen... mamma... niemand weet"
"...braaf. Ik zal doen wat hij zegt, en niet..."

>
Pardon?

>pak pagina
Gepakt.

>kijk

Geruneerd bijgebouw
Afbrokkelende muurtjes steken boven het puin uit, en geven zo een indruk hoe het
gebouw er vroeger uit heeft gezien. Nu is er geen enkel teken van leven meer, en
alleen de stenen herinneren zich nog hoe hier ooit de bedienden leefden, lachten
en de liefde bedreven. Wat over is van de grote hal van het kasteel ligt in het
oosten; in het noorden kan je je tussen de resten van de rune door een weg naar
de binnenplaats banen.

>o

De hal van het kasteel
Achter een faade van gaafheid gaat een heuse rune schuil. De helft van de
muren van de geheel lege grote hal is ingestort, en de maan schijnt ongehinderd
naar binnen langs het skelet van een dak. De rest van het kasteel is er niet
beter aan toe: grote, ondergesneeuwde hopen steen geven aan waar vroeger
gebouwen hebben gestaan. Alleen in het oosten leidt een doorgang naar een zaal
die nog redelijk intact is. Van het gebouw in het westen staan nog een aantal
muren overeind, en in het noordwesten kronkelt een smal pad tussen een rotsblok
en een massief beeld door naar de binnenplaats.

>x beeld
Twee meter hoog, in grijs graniet, staat hier het imposante standbeeld van een
adellijke man. Zijn gezicht is door weer en wind zo aangetast dat je naar zijn
gelaatstrekken slechts kan gissen.

>x rotsblok
Groot en ongenaakbaar, van zwart graniet in plaats van de lichtere steen waar
het kasteel uit gebouwd was, draagt het rotsblok een kap van wit poeder. Er zijn
kleine tekens in gekerfd.

>x tekens
Het maanlicht is te zwak om de kleine inkervingen te kunnen lezen.

>o

De eetzaal
De grote eetzaal is minder aangetast door het verval dan de meeste andere delen
van het kasteel. Maanlicht schijnt door enkele gaten in het dak, waaronder zich
hopen half gesmolten sneeuw hebben verzameld. Een lange houten tafel, met een
stoel aan elk uiteinde, staat er ondanks zijn lengte verloren bij in de verder
lege ruimte. Af en toe hoor je een vleermuis langsvliegen. Een deuropening leidt
terug naar de hal in het westen.

Een enkele toorts aan de muur verspreidt flikkerend geel licht.

Op de eettafel is een gescheurde pagina.

>pak toorts
Gepakt.

>lees pagina
(de doorweekte pagina)
Een vel papier dat nat is geworden, zodat de met zwarte inkt geschreven zinnen -
het aandachtige handschrift van een meisje - slechts hier en daar ontcijferbaar
zijn.

"... nog van mij? Waarom komt hij..."
"Wie kan ik om hulp vragen... mamma... niemand weet"
"...braaf. Ik zal doen wat hij zegt, en niet..."

>x gescheurde pagina
Een vel papier, verfrommeld en gescheurd, waarop met zwarte inkt geschreven
zinnen - het aandachtige handschrift van een meisje - helder leesbaar hun
verhaal vertellen.

Vannacht is het weer gebeurd. Zal het dan nooit ophouden? Zal ik nooit meer vrij
en gelukkig kunnen zijn? En zelfs als het ophoudt - kan ik de angst en de
nachtmerries nog wel kwijtraken? Ik haat hem, ik haat mezelf, ik haat mijn
leven. Al mijn vreugde wordt tot as in het vuur van zijn lust...

>pak pagina
(de doorweekte pagina)
Je hebt hem al.

>*slecht.. ik wil de andere pagina hebben
[Commentaar bewaard.]

>pak gescheurde pagina
Gepakt.

>w

De hal van het kasteel
Achter een faade van gaafheid gaat een heuse rune schuil. De helft van de
muren van de geheel lege grote hal is ingestort, en de maan schijnt ongehinderd
naar binnen langs het skelet van een dak. De rest van het kasteel is er niet
beter aan toe: grote, ondergesneeuwde hopen steen geven aan waar vroeger
gebouwen hebben gestaan. Alleen in het oosten leidt een doorgang naar een zaal
die nog redelijk intact is. Van het gebouw in het westen staan nog een aantal
muren overeind, en in het noordwesten kronkelt een smal pad tussen een rotsblok
en een massief beeld door naar de binnenplaats.

>x tekens
Bij het licht van de toorts buig je je over de onhandige, hoekige letters. Je
leest:

"IK BEN BANG. HIJ DOET ME PIJN.
ALS JE DIT LEEST, HELP ME DAN!"

Maartje die schreeuwt met een stem zonder klank.

>nw

Op de binnenplaats
Vanaf hier is de staat van het kasteel goed zichtbaar. Beide kleinere torens
zijn van binnen geheel ingestort, en kunnen onmogelijk nog beklommen worden.
Daarentegen ziet de grote toren, die aan de noordkant van de binnenplaats ligt,
er nog vrijwel intact uit. De meest gebouwen zijn tot niets meer dan een hoop
puin gereduceerd; alleen een rune in het zuiden en twee zalen in het zuidoosten
hebben nog enige structuur.

>x torens
De twee kleinere torens markeren de hoeken van het driehoekige kasteel die aan
de voorkant liggen, waar ook de poort is. Beide hellen vervaarlijk naar buiten
over, en vanaf hier kan je zien dat ze van binnen geheel zijn ingestort.

>n

Onderin de middelste toren
De cirkelvormige ruimte ligt vol met stapels papier die zonder zichtbare
organisatie zijn neergelegd. Verschillende stapels zijn omgevallen, maar
blokkeren net niet de weg naar de trap die zich in het midden van de toren
omhoog wentelt. Twee paar modderige voetstappen - het ene van een volwassene met
zware laarzen, het andere van een kind op blote voeten - lopen vanaf de deur in
het zuiden naar de trap.

>x papier
Grote stapels papieren liggen overal in de ruimte, chaotisch overhellend en op
elkaar leunend. Je grijpt er willekeurig enkele vellen uit en bekijkt ze. Ze
zijn allemaal identiek aan de brief die de baron elke nacht in je brievenbus
laat bezorgen. Woedend smijt je de vellen weer op een stapel neer.

>x trap
De stenen trap voert stijl omhoog.

>save
Enter a file name.
Default is "a1baron.sav": 
Ok.

>verbrand de papieren
Je houdt de toorts tegen een stapel papier aan, die onmiddellijk in de fik
vliegt.

>vloek
Je vloekt hartgrondig.

Het vuur slaat van de ene stapel op de andere over, sneller dan je had kunnen
vermoeden. De halve zaal brandt reeds, en de weg naar buiten wordt door het vuur
versperd. Een dikke rook stijgt op van het brandende papier.

>z
Brandende stapels versperren de weg naar buiten.

De hitte is haast ondraaglijk; overal waar je kijkt zie je nu vlammen. Zwarte
rook vult je longen.

>h
Je rent de met rook gevulde trap op, die rond en rond draait totdat je bijna
bovenin de toren moet zijn. Als een engel der wrake stap je uit de rook naar
voren, een grote kamer in.

De kamer van de baron
De ruimte is sober ingericht en donker, slechts verlicht door de kaarsen van n
enkele kroonluchter. In het midden van de zaal ligt een berenvel; aan de wanden
hangen de opgezette koppen van wolven, elanden en andere grote zoogdieren. Naast
het berenvel staat een grote stenen troon, ingezet met felle robijnen die het
licht van de kroonluchter duizendvoudig weerspiegelen. Achter de troon, aan de
noordkant van de kamer, zijn twee grote bronzen deuren.

Op de troon zit de baron.

>i
Je hebt bij je:
  een gescheurde pagina
  een toorts (lustig brandend)
  een doorweekte pagina
  een gespieste dochterpop
  een uitgerekte vaderpop
  een uitgemergelde moederpop
  een hoop stenen
  enkele snippers
  een bijl
  een winterjas (gedragen)
  een knuffelbeer
  een dagboek
  een sierlijk sleuteltje
  je werkkleding (gedragen)

>*ah, ik heb alles nog :)
[Commentaar bewaard.]

>x berenvel
Een bruine beer staart je met domme ogen aan vanaf de grond, alsof hij voor
immer verbaasd is zich in deze situatie te bevinden. Echt prettig kan het ook
niet zijn, wanneer je hele innerlijk je is afgenomen.

"Welkom in mijn nederige domein," zegt de baron ironisch.

>x baron
Een gespierde man, achterin de veertig, heeft een hermelijnen mantel strak om
zich geen getrokken. Een sardonische glimlach speelt om zijn lippen, terwijl hij
af en toe even met zijn vingers op zijn troon tikt of de zware kroon die zijn
hoofd tooit iets verplaatst.

De baron bestudeert zijn nagels alsof ze het interessantste in de wereld zijn.

"Uiteraard zou ik je iets aanbieden, maar ik heb toevallig niets in huis."

>geeft niet hoor...
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>"geeft niet hoor..."
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>zeg: "geeft niet hoor"
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>x troon
De troon is zo groot dat zelfs een volwassen man met zijn voeten niet op de
grond komt wanneer hij er op zit, en moeite moet doen om op beide armleuningen
tegelijk te leunen. In de witte steen is een overdaad aan rode juwelen,
robijnen, gezet. Het is een oogverblindend maar protserig meubelstuk.

>x kroon
Dof metaal vormt een enkele ronde cirkel, zonder versieringen, zonder
edelstenen, zonder gravures: slechts een band zonder ondebreking die eeuwig rond
en rond gaat, precies op maat gemaakt voor een mannenhoofd.

De baron zucht diep. "Dit verveelt me. Laten we tot de kern van de zaak komen."

>
*ik heb dus niet helemaal door wat ik met die baron kan doen (behalve hem al eerder aanvallen)
[Commentaar bewaard.]

>spreek tegen baron
Van die zin begrijp ik helemaal niets.

>praat met baron
"U moet begrijpen," zo begint de baron te spreken voordat je iets hebt kunnen
zeggen, "dat ik slechts uit de meest nobele motieven heb gehandeld. Het is
altijd alleen maar mijn wens geweest om uw dochter gelukkig te maken."

(1) [Woedend] "Gelukkig? Zelf jouw beestachtige brein kan niet zo geperverteerd
zijn dat je die leugens gelooft!"
(2) [Bedroefd] "Nee, dat is niet waar. Haar geluk is nooit het doel van je
handelen geweest."
(3) [Vermoeid] "Spaar me je leugens - onze leugens. Ik heb ze te vaak gehoord,
en ze al te vaak leren herkennen als de slappe zelfrechtvaardiging die ze zijn."

Selecteer een optie >> 1
"Goed, goed." De baron heft zijn handen op, als om je te kalmeren. "Misschien
was haar geluk niet de reden waarom ik haar ontvoerde. Maar niettemin: kon ik
het helpen? Had ik anders kunnen handelen? Is het rechtvaardig dat je boos op me
bent?"

(1) "Want? Hoe zou het mogelijk zijn dat hier - juist hier! - niet veroordeeld
mag worden?"
(2) "Zeg niets. Het zijn toch maar mijn eigen gedachtenspinsels die je
verwoordt."
(3) Dood de baron voordat hij op je in kan praten.

Selecteer een optie >> 1
"Ik geef toe, ik geef toe, het is niet gemakkelijk te begrijpen," stemt de baron
in. "Maar toch is het zo. Kan men de adelaar veroordelen wanneer deze een jong
lammetje verorbert? De schapen zullen ongetwijfeld zeggen van wel, en zij zullen
de adelaar kwaadaardig noemen - maar zij kennen zelf de lust om lammetjes te
eten ook niet. Maar de adelaar is door de natuur zo geschapen dat hij wel
lammetjes moet eten, het is zijn aard, hij kan niet anders. Hoe het kwaad de
schapen het ook mogen vinden, in feite is er niets aan het gedrag van de
roofvogel dat veroordeeld kan worden."

(1) "En hoe heeft dat betrekking op jou, mij en Maartje?"
(2) "En je wilt mij wijsmaken dat jij net als die adelaar bent, en Maartje als
het lammetje?"

Selecteer een optie >> 1
"Het is heel simpel! Ik zal puur voor mezelf spreken. Ik voel in mijn een
buitengewoon grote lust; en die lust is zo sterk dat ik niets heb dat hem kan
overwinnen. Ik kan alles proberen wat ik wil: mijn morele gevoelens, mijn
liefde, wat dan ook - allemaal zijn ze te zwak om de lust in mij te overwinnen.
Dus doe ik wat ik doe; en ik kan ook niet anders. Maar hoe zou het slecht kunnen
zijn om te doen wat je moet doen? Hoe zou je veroordeeld kunnen worden voor iets
dat je helemaal niet anders gedaan had kunnen hebben? Hoewel het zo misschien op
het eerste gezicht niet lijkt, ben ik in de grond net zo onschuldig; ik ben
slechts een blad dat door een sterke wind wordt meegevoerd, en mijn baan kan ik
niet zelf uitkiezen."

(1) [Bedroef] "Altijd weer zelfrechtvaardigingen. Kijk naar haar leed, stel je
er voor open - en voel de schuld. Wij zijn schuldig, diep, diep schuldig, en je
weet het, en je weet dat er geen excuus is."

Selecteer een optie >> 
*ik mis een optie... waarom moet ik hier zeggen dat het ook mijn eigen schuld is? (ik speel de lompe houthakker )
Selecteer een optie >> 1
De baron kijkt je eerst alleen maar strak aan, maar dan focussen zijn ogen op
het oneindige. Langzaam, gedurende enkele minuten, transformeert zijn
gezichtsuitdrukking, van een sardonische grijns via lichte afkeur tot
regelrechte ontzetting.

Plots staat hij op, wankelt even, valt dan voor je op zijn knien op de grond.
Tranen lopen over zijn gezicht, en met een haast hysterische stem smeekt hij:

"Ja, ik ben schuldig, oneindig schuldig! Deze last is te zwaar voor mij, genade,
genade, genade! Alstublieft, voor wat ik uw dochter heb aangedaan - kunt u mij
vergeven? Ik smeek u, vergeef mij!"

(1) "Nee. Hier is geen vergiffenis mogelijk."
(2) "Ik vergeef je wat je mijn dochter hebt aangedaan. Ik ben zelf degene die de
last moet dragen."

Selecteer een optie >> 1
Huilend buigt de baron zijn hoofd. De kroon valt op de grond, rolt even, en komt
dan precies tussen jullie tot stilstand.
>pak de kroon
Gepakt.

>zet de kroon op 
Je pakt de metalen cirkel met twee handen vast, en zet hem voorzichtig op je
hoofd. De kroon is zwaar en drukt pijnlijk op je geest.

>x kroon
Dof metaal vormt een enkele ronde cirkel, zonder versieringen, zonder
edelstenen, zonder gravures: slechts een band zonder ondebreking die eeuwig rond
en rond gaat, precies op maat gemaakt voor een mannenhoofd.

>x baron
De baron zit geknield op de stenen grond en kijkt met betraande ogen naar je
open. Van zijn trotse houding is niets meer over.

>kijk

De kamer van de baron
De ruimte is sober ingericht en donker, slechts verlicht door de kaarsen van n
enkele kroonluchter. In het midden van de zaal ligt een berenvel; aan de wanden
hangen de opgezette koppen van wolven, elanden en andere grote zoogdieren. Naast
het berenvel staat een grote stenen troon, ingezet met felle robijnen die het
licht van de kroonluchter duizendvoudig weerspiegelen. Achter de troon, aan de
noordkant van de kamer, zijn twee grote bronzen deuren.

Op de troon zit de baron.

>x wolven
Tientallen jachttrofeen hangen aan de wanden: een tiental wolven, een half
dozijn elanden met hun grote geweien, de trieste kopjes van reen en zelfs een
paar beren. En het lijkt haast alsof ze leven - een parodie op hun vroegere
bestaan die je nauwelijks aan kan zien.Tientallen verkoolde jachttrofeen hangen
aan de wanden, monumenten van de vernietigende werking van de menselijke lust
tot jagen en de onpersoonlijke krachten van het vuur.

>x deuren
De muur in het noorden, achter de troon van de baron, bevat twee grote bronzen
deuren. Er is een voorstelling in gegraveerd van een brandende man.

>x man
In plaats van de pijn die je zou verwachten op het gezicht van een brandende
man, straalt de gegraveerde figuur eerder begerigheid uit. Het is alsof het vuur
hem voortdrijft naar het object van zijn lust, dat ongetwijfeld achter deze deur
ligt. Op het hoofd van de figuur rust een ronde kroon.

>x kroon op de deur
Ik begrijp alleen het gedeelte: onderzoek de kroon.

>x de kroon
Dof metaal vormt een enkele ronde cirkel, zonder versieringen, zonder
edelstenen, zonder gravures: slechts een band zonder ondebreking die eeuwig rond
en rond gaat, precies op maat gemaakt voor een mannenhoofd.

>die andere!
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>x figuur op de deur
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x kroon op de deur
Ik begrijp alleen het gedeelte: onderzoek de kroon.

>praat met baron
De baron huilt slechts zachtjes, en reageert niet op je woorden.

>open de deur
Zodra je op de deuren toeloopt beginnen ze open te zwaaien, van je af - erachter
ligt niets dan duisternis. Je loopt verder, en wanneer je de drempel oversteekt
valt de linker deur met een donderen geraas om, geeft een klap als een koperen
gong en blijft liggen. Onmiddellijk daarna valt ook de rechterdeur en laat
nogmaals een door merg en been snijdende dissonant weerklinken. Je doet nog een
stap, en staat...


Op de overloop
De overloop is gehuld in een schemerig duister. Aan de noordkant van de overloop
is, dicht, de rood geschilderde deur naar de kamer van Maartje. Naast de trap
naar beneden staat een houten kastje, waarboven een grote spiegel in een
vergulde lijst je beschuldigend aanstaart.

>x maartjes kamer
Deze in een te fel rood geschilderde deur leidt naar de kamer van je dochter
Maartje.

>n
(de deur naar Maartjes kamer openend)

In Maartjes kamer
In het schemerig duister staan de meubels van Maartje er liefdeloos bij. Het
poppenhuis, al jaren onaangeroerd, kwijnt weg in een hoek, terwijl het bed en
het bureau niets zijn dan gebruiksvoorwerpen. Alles lijkt te wachten op het
zwarte schouwspel dat zich in de al te doorzichtige duisternis zal voltrekken.

Vanuit het bed staart Maartje je emotieloos aan.

Je ziet een knuffelbeer.

>x maartje
Maartje ligt goed in haar deken ingepakt in haar bed, zoals elke nacht. De
apathische blik in haar ogen, alsof ze al haar gevoelens heeft uitgezet, doet je
meer pijn dan haar wanhoop gedaan zou hebben - maar ook zo kijkt ze elke nacht.

>x beer
Vroeger geloofde je dat knuffels 's nachts tot leven kwamen, en hele gesprekken
met elkaar voerden. Maar Bruin ziet er maar levenloos uit.

>praat met maartje
(1) "Het spijt me, Maartje, maar ik kan niet anders. Het is te sterk voor mij."
(2) [Knielend] "Maartje, ik kom je het onmogelijke vragen. Ik smeek je om
vergiffenis."
(3) "Maartje, ik beloof het: gisteren was de laatste keer. Het zal nooit meer
gebeuren."
(4) "Maartje, ik beloof het: vandaag zal de laatste keer zijn. Hierna zal het
nooit meer gebeuren."

Selecteer een optie >> 
*weet je, na mijn vorige gesprek (an sich) snap ik deze opties neit zo. misschien als ik in de spiegel gekeken had?
Selecteer een optie >> 4
Maartje kijkt weg, zonder iets te zeggen. Alsof ze deze belofte elke nacht
hoort.

(1) Maar ik maak haar voor het eerst; en ik zal hem houden. Ik zal hem houden.
(2) Het klopt, ze hoort dit elke nacht; maar nu zal ik me er aan houden.
(3) Het klopt, ze hoort dit elke nacht; en opnieuw is het een loze belofte.

Selecteer een optie >> 1

>kijk

In Maartjes kamer
In het schemerig duister staan de meubels van Maartje er liefdeloos bij. Het
poppenhuis, al jaren onaangeroerd, kwijnt weg in een hoek, terwijl het bed en
het bureau niets zijn dan gebruiksvoorwerpen. Alles lijkt te wachten op het
zwarte schouwspel dat zich in de al te doorzichtige duisternis zal voltrekken.

Vanuit het bed staart Maartje je emotieloos aan.

Je ziet een knuffelbeer.

>z
Waarom loop je de gang op?
(1) Het is me gelukt me te beheersen. Ik heb de lust overwonnen.
(2) Ik loop alleen even terug om iets te halen.

Selecteer een optie >> 2

Op de overloop
De overloop is gehuld in een schemerig duister. Aan de noordkant van de overloop
staat de rode deur naar Maartjes kamer op een kier. Naast de trap naar beneden
staat een houten kastje, waarboven een grote spiegel in een vergulde lijst je
beschuldigend aanstaart.

>x spiegel
Het gezicht van de baron staart je vanuit de spiegel tegemoet.

>x baron
Het gezicht van de baron staart je vanuit de spiegel tegemoet.

>x kastje
Dit ruw en grof gesneden kastje is een van de weinige meubels in huis die je
niet zelf gemaakt hebt: het komt uit de erfenis van Hildes grootmoeder. De twee
deurtjes aan de voorkant sluiten niet helemaal goed, wat je al jaren zou
reparenen, maar steeds maar voor je uit schuift.

>open deuren
Je opent het kastje, en onthult een fotoboek.

>x fotoboek
Met bevende handen pak je het fotoalbum vast en sla je het open. Daar zijn ze,
de foto's die de idyllische jeugd van Maartje documenteren: gelukkige
herinneringen aan een tijd die niet wist wat komen ging. Vrolijke foto's van een
blij en hecht gezin.

Bijna exact kan je de scheiding tussen de eerste en de tweede helft van het
fotoboek aanwijzen. Verdwenen is de snelle glimlach, de onschuldige blik, de
openheid naar heel de wereld - daarvoor in de plaats het uitdrukkingsloze masker
met de ogen die te veel gezien hebben, een naar binnen gekeerde, in haar eigen
geest levende Maartje. Iedereen moet het gezien hebben. Maar niemand heeft iets
gedaan.

>
Pardon?

>z
Er is nog geen weg terug.

>n

In Maartjes kamer
In het schemerig duister staan de meubels van Maartje er liefdeloos bij. Het
poppenhuis, al jaren onaangeroerd, kwijnt weg in een hoek, terwijl het bed en
het bureau niets zijn dan gebruiksvoorwerpen. Alles lijkt te wachten op het
zwarte schouwspel dat zich in de al te doorzichtige duisternis zal voltrekken.

Vanuit het bed staart Maartje je emotieloos aan.

Je ziet een knuffelbeer.

>praat met maartje
Je hebt al gezegd wat je op je hart had.

>speel met de poppen
Dat is te cynisch.

>x dagboek
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>i
Je hebt niets bij je.

>*damn, had ik toch het dagboek moeten laten liggen
[Commentaar bewaard.]

>streel maartje
(1) Streel met je vingers even, licht, haar glanzende haar.
(2) Streel gepassioneerd haar armen, haar nek, haar borsten, ...
(3) Streel haar geslacht.

Selecteer een optie >> 1
Je laat je vingers door haar geurige, volle haar glijden. Maartje kijkt je
angstig aan.

>Ziek.
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>n
Die kant kun je niet op.

>z
Waarom loop je de gang op?
(1) Het is me gelukt me te beheersen. Ik heb de lust overwonnen.
(2) Ik loop alleen even terug om iets te halen.

Selecteer een optie >> 1
Terwijl elke vezel van je lichaam schreeuwt dat je je bij Maartje neer moet
vleien en nn met haar moet worden, draai je je om en loop je weg. Je bent
sterker dan de lust. Je bent sterker.

Is de band van de lust nu voorgoed gebroken?
(1) Ja. Dit was de laatste nacht dat ik de tocht heb ondernomen.
(2) Nee. Deze strijd zal nog vele malen gestreden moeten worden.

Selecteer een optie >> 1
Kan Maartje je ooit je daden vergeven?

(1) Nee. Of ik haar leven nu voor altijd verpest heb of niet, ze zal me altijd
blijven haten.
(2) Ja. Met de tijd helen de wonden en neemt haar haat af; en misschien zal er
een dag komen dat ze me een heel klein beetje zal begrijpen, en een heel klein
beetje medelijden - of zelfs liefde - zal voelen.

Selecteer een optie >> 1
Zal jullie gezin nog normaal en gelukkig kunnen worden?

(1) Het zal tijd kosten, maar het zal gebeuren. Zelfs de ergste wonden helen.
(2) Nee, als Maartje haar leven weet terug te vinden dan zal dat buiten ons
gezin zijn.

Selecteer een optie >> *weet ik niet
Selecteer een optie >> 1




    *** EINDE ***



Wil je een HERSTART, een oud spel INLEZEN of een EINDE aan het spel maken?
> load
Geef alsjeblieft een van bovenstaande antwoorden.
> inlezen
Enter a file name.
Default is "a1baron.sav": 
Ok.

>kijk

Onderin de middelste toren
De cirkelvormige ruimte ligt vol met stapels papier die zonder zichtbare
organisatie zijn neergelegd. Verschillende stapels zijn omgevallen, maar
blokkeren net niet de weg naar de trap die zich in het midden van de toren
omhoog wentelt. Twee paar modderige voetstappen - het ene van een volwassene met
zware laarzen, het andere van een kind op blote voeten - lopen vanaf de deur in
het zuiden naar de trap.

>x voetstappen
Vanaf de binnenplaats lopen duidelijk twee paar voetstappen naar de trap, en
vanaf daar verder naar boven. Een gelaarsde man en een meisje op blote voeten -
hun identiteit laat weinig te raden over. Die trap omhoog zal naar de baron
leiden, en naar Maartje.

>verbrand papier
Je houdt de toorts tegen een stapel papier aan, die onmiddellijk in de fik
vliegt.

>
Pardon?

>wacht
Er is geen tijd te verliezen.

Het vuur slaat van de ene stapel op de andere over, sneller dan je had kunnen
vermoeden. De halve zaal brandt reeds, en de weg naar buiten wordt door het vuur
versperd. Een dikke rook stijgt op van het brandende papier.

>wach
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>wacht
Er is geen tijd te verliezen.

De hitte is haast ondraaglijk; overal waar je kijkt zie je nu vlammen. Zwarte
rook vult je longen.

>wacht
Er is geen tijd te verliezen.

Hoestend en proestend ren je de trap op, de enige uitweg, achtervolgd door dikke
slierten van de zwarte rook. Na een klim die je tot bovenin de toren gevoerd
moet hebben stap je een grote kamer in waar de rook minder dik is.

De kamer van de baron
De ruimte is sober ingericht en donker, slechts verlicht door de kaarsen van n
enkele kroonluchter. In het midden van de zaal ligt een berenvel; aan de wanden
hangen de opgezette koppen van wolven, elanden en andere grote zoogdieren. Naast
het berenvel staat een grote stenen troon, ingezet met felle robijnen die het
licht van de kroonluchter duizendvoudig weerspiegelen. Achter de troon, aan de
noordkant van de kamer, zijn twee grote bronzen deuren.

Op de troon zit de baron.

>praat met baron
"U moet begrijpen," zo begint de baron te spreken voordat je iets hebt kunnen
zeggen, "dat ik slechts uit de meest nobele motieven heb gehandeld. Het is
altijd alleen maar mijn wens geweest om uw dochter gelukkig te maken."

(1) [Woedend] "Gelukkig? Zelf jouw beestachtige brein kan niet zo geperverteerd
zijn dat je die leugens gelooft!"
(2) [Bedroefd] "Nee, dat is niet waar. Haar geluk is nooit het doel van je
handelen geweest."
(3) [Vermoeid] "Spaar me je leugens - onze leugens. Ik heb ze te vaak gehoord,
en ze al te vaak leren herkennen als de slappe zelfrechtvaardiging die ze zijn."

Selecteer een optie >> 2
Even kijkt de baron je onderzoekend aan. Dan antwoordt hij:

"Laten we zeggen dat je gelijk hebt; misschien handelde ik wel alleen in mijn
eigen belang. Maar - had ik dan anders kunnen handelen? Is het niet erg
onterecht om te veroordelen?"

(1) "Want? Hoe zou het mogelijk zijn dat hier - juist hier! - niet veroordeeld
mag worden?"
(2) "Zeg niets. Het zijn toch maar mijn eigen gedachtenspinsels die je
verwoordt."
(3) Dood de baron voordat hij op je in kan praten.

Selecteer een optie >> 3
"Ik wil je leugens niet meer aanhoren," zeg je, en je stapt op hem af. Een
angstige blik verschijnt op zijn gezicht. De bijl die je speciaal hiervoor van
huis had meegenomen pak je stevig vast, en dan - een enkele slag en het is
gebeurd.

Als het niets dat hij altijd geweest is implodeert de baron, wordt kleiner en
verdwijnt dan geheel. Het enige dat overblijft is zijn kroon.

>pak kroon
Gepakt.

>x kroon
Dof metaal vormt een enkele ronde cirkel, zonder versieringen, zonder
edelstenen, zonder gravures: slechts een band zonder ondebreking die eeuwig rond
en rond gaat, precies op maat gemaakt voor een mannenhoofd.

>zet hem op
Je pakt de metalen cirkel met twee handen vast, en zet hem voorzichtig op je
hoofd. De kroon is zwaar en drukt pijnlijk op je geest.

>x deuren
De muur in het noorden, achter de troon van de baron, bevat twee grote bronzen
deuren. Er is een voorstelling in gegraveerd van een brandende man.

>x kroonluchter
Uit grof gietijzer is een kroonluchter gegoten die zonder enige elegantie of
sierlijkheid zijn taak vervult: het dragen van enkele tientallen kaarsen.

>steek de kaarsen aan
De kaarsen branden reeds.

>laamaa
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>open de deuren
Zodra je op de deuren toeloopt beginnen ze open te zwaaien, van je af - erachter
ligt niets dan duisternis. Je loopt verder, en wanneer je de drempel oversteekt
valt de linker deur met een donderen geraas om, geeft een klap als een koperen
gong en blijft liggen. Onmiddellijk daarna valt ook de rechterdeur en laat
nogmaals een door merg en been snijdende dissonant weerklinken. Je doet nog een
stap, en staat...


Op de overloop
De overloop is gehuld in een schemerig duister. Aan de noordkant van de overloop
is, dicht, de rood geschilderde deur naar de kamer van Maartje. Naast de trap
naar beneden staat een houten kastje, waarboven een grote spiegel in een
vergulde lijst je beschuldigend aanstaart.

>x spiegel
Het gezicht van de baron staart je vanuit de spiegel tegemoet.

>breek spiegel
Woedend sla je met je vuist op het gezicht van de baron dat in het glas van de
spiegel gereflecteerd wordt. De spiegel barst, en valt in gruzelementen en n
enkele grote scherf uiteen.

>x grote scherf
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x scherven
Het glas van de spiegel ligt in kleine gruzelementen verspreid over het dressoir
en de grond.

>pak een scherf
Gepakt.

>x scherf
Een grote scherf van de spiegel, koud en scherp als ijs.

>z
Er is nog geen weg terug.

>n
(de deur naar Maartjes kamer openend)

In Maartjes kamer
In het schemerig duister staan de meubels van Maartje er liefdeloos bij. Het
poppenhuis, al jaren onaangeroerd, kwijnt weg in een hoek, terwijl het bed en
het bureau niets zijn dan gebruiksvoorwerpen. Alles lijkt te wachten op het
zwarte schouwspel dat zich in de al te doorzichtige duisternis zal voltrekken.

Vanuit het bed staart Maartje je emotieloos aan.

Je ziet een knuffelbeer.

>x beer
Vroeger geloofde je dat knuffels 's nachts tot leven kwamen, en hele gesprekken
met elkaar voerden. Maar Bruin ziet er maar levenloos uit.

>pak bruin
Gepakt.

>geef bruin aan maartje
"Hier, neem Bruin," zeg je tegen Maartje.

Woordeloos pakt ze de beer uit je handen en klemt hem tegen haar borst.

>ga naast maartje zitten
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>*ziek.. maartje is er niet of niet belangrijk genoeg... lol
[Commentaar bewaard.]

>praat met maartje
(1) "Het spijt me, Maartje, maar ik kan niet anders. Het is te sterk voor mij."
(2) [Knielend] "Maartje, ik kom je het onmogelijke vragen. Ik smeek je om
vergiffenis."
(3) "Maartje, ik beloof het: gisteren was de laatste keer. Het zal nooit meer
gebeuren."
(4) "Maartje, ik beloof het: vandaag zal de laatste keer zijn. Hierna zal het
nooit meer gebeuren."

Selecteer een optie >> 2
Maartje zegt niets, maar staart je slechts strak aan.

(1) Het kan ook niet, mij vergeven. Zelfs God zou dat niet kunnen.
(2) Ik moet haar alleen laten. Ik kan en mag niet al direct een antwoord
verlangen.
(3) "Alsjeblieft Maartje, alsjeblieft, vergeef me. Ik smeek het je!"

Selecteer een optie >> 2

>x scherf
Een grote scherf van de spiegel, koud en scherp als ijs.

>snij
Welk voorwerp bedoel je precies als je zegt "snij"?

>snijd met scherf
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>pleeg zelfmoord
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>snijd jezelf
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x poppenhuis
Ooit heb je dit poppenhuis zelf in elkaar gezet: drie verdiepingen, met deurtjes
en raampjes die open en dicht kunnen, allerhande meubels, en houten popjes met
fijn gesneden gezichten die de woning kunnen bevolken. Hilde heeft gordijntjes
gemaakt, vloerkleedjes en kleertjes voor de poppen. Nu staat het verstoft in een
hoek, al jaren niet meer aangeraakt. De verf begint los te laten. De gordijntjes
zijn flets geworden.

>x poppen

>x vaderpop

>zijn ze er niet? 
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>praat met maartje
Je hebt al gezegd wat je op je hart had.

>NEEEE!
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>n
Die kant kun je niet op.

>z
Waarom loop je de gang op?
(1) Het is me gelukt me te beheersen. Ik heb de lust overwonnen.
(2) Ik loop alleen even terug om iets te halen.

Selecteer een optie >> 2

Op de overloop
De overloop is gehuld in een schemerig duister. Aan de noordkant van de overloop
staat de rode deur naar Maartjes kamer op een kier. Naast de trap naar beneden
staat een houten kastje, waarboven een grote spiegel in een vergulde lijst je
beschuldigend aanstaart.

>l
Die tocht heb je al ondernomen.

>x spiegel
Het glas van de spiegel ligt in kleine gruzelementen verspreid over het dressoir
en de grond.

>x fotoboek
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>open kast
Je opent het kastje, en onthult een fotoboek.

>x fotoboek
Met bevende handen pak je het fotoalbum vast en sla je het open. Daar zijn ze,
de foto's die de idyllische jeugd van Maartje documenteren: gelukkige
herinneringen aan een tijd die niet wist wat komen ging. Vrolijke foto's van een
blij en hecht gezin.

Bijna exact kan je de scheiding tussen de eerste en de tweede helft van het
fotoboek aanwijzen. Verdwenen is de snelle glimlach, de onschuldige blik, de
openheid naar heel de wereld - daarvoor in de plaats het uitdrukkingsloze masker
met de ogen die te veel gezien hebben, een naar binnen gekeerde, in haar eigen
geest levende Maartje. Iedereen moet het gezien hebben. Maar niemand heeft iets
gedaan.

>scheur de laatste foto's eruit
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>verwijder de laatste foto's
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x foto's
Ik begrijp alleen het gedeelte: onderzoek het fotoboek.

>x scheiding
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x maartje
Je ziet niets bijzonders aan het noorden.

>haal foto's uit fotoboek
Van die zin begrijp ik helemaal niets.

>sukkel
Dat is geen werkwoord dat ik ken.

>verscheur fotoboek
Je hebt al te veel kapot gemaakt.

>*en als ik nu eens die laatste foto's verwijder?
[Commentaar bewaard.]

>snijd jezelf
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>haal jezelf open aan scherven
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>z
Er is nog geen weg terug.

>n

In Maartjes kamer
In het schemerig duister staan de meubels van Maartje er liefdeloos bij. Het
poppenhuis, al jaren onaangeroerd, kwijnt weg in een hoek, terwijl het bed en
het bureau niets zijn dan gebruiksvoorwerpen. Alles lijkt te wachten op het
zwarte schouwspel dat zich in de al te doorzichtige duisternis zal voltrekken.

Vanuit het bed staart Maartje je emotieloos aan.

>x maarjte
Zoiets zie je niet, of het is niet belangrijk om je ermee bezig te houden.

>x maartje
Maartje ligt goed in haar deken ingepakt in haar bed, zoals elke nacht. De
apathische blik in haar ogen, alsof ze al haar gevoelens heeft uitgezet, doet je
meer pijn dan haar wanhoop gedaan zou hebben - maar ook zo kijkt ze elke nacht.

>x bed
Maartje ligt in haar bed, een ruim kinderledikant van verveloos hout. Ze heeft
de dekens tot hoog onder haar kin opgetrokken en volgt elk van je bewegingen met
ogen die geen enkele gedachte verraden.

>trek aan de dekens
Je trekt de deken opzij, waaronder Maartjes naakte lichaam verborgen lag. Ze
verroert zich niet, en doet niet eens de moeite haar geslacht of haar opkomende
borstjes te bedekken. De aanblik van haar witte vlees is als een blaasbalg voor
het vuur van je lust.

>praat met maartje
Je hebt al gezegd wat je op je hart had.

>raak maartje aan
(1) Streel met je vingers even, licht, haar glanzende haar.
(2) Streel gepassioneerd haar armen, haar nek, haar borsten, ...
(3) Streel haar geslacht.

Selecteer een optie >> 1
Je laat je vingers door haar geurige, volle haar glijden. Maartje kijkt je
angstig aan.

>dood haar met die scherf
Maartje probeert zich achter haar beer te verbergen wanneer jij met de
messcherpe scherf op haar afkomt. Je drukt die zachtjes tegen haar keel aan.

(1) "Vergeef me," fluister je. "Vergeef me."
(2) "Het is het beste. Geloof me," zeg je schor.
(3) Zie van je daad af.

Selecteer een optie >> 1
Dan snijd je met een ruk haar keel open. Bloed gutst over haar nek, over je
handen, over haar lichaam en het bed. Het lijkt alsof ze probeert je nog iets te
zeggen, maar er komen geen woorden meer uit haar mond, alleen een straaltje
felrood bloed dat langs haar wang naar beneden druipt. Dan valt ze achterover,
en beweegt niet meer.

Was dit werkelijk het beste voor haar?

(1) Ja. Zij had nooit meer gelukkig kunnen worden.
(2) Nee. Maar ik kon haar ongeluk niet meer aanzien.

Selecteer een optie >> 
2 #het was niet heel erg de bedoeling.. ik wilde kijken of het kon

>
Pardon?

>x maartje
In een plas van haar eigen bloed ligt het ontzielde lichaam van Maartje.

>n
Die kant kun je niet op.

>z
Je werpt nog een laatste blik op het dode lichaam van Maartje. Dan loop je voor
de laatste maal haar kamer uit.

Hoe loopt deze zwarte geschiedenis af?
(1) Ik maak nog deze nacht een einde aan mijn leven. Hiermee kan ik niet leven.
(2) De rest van mijn leven zal ik slijten in een kleine gevangeniscel. Dat is
mijn straf.
(3) Wanneer het dorp begrijpt wat er gebeurd is hoeven ze mij eindelijk niet
meer als mens te zien, en zullen ze me lynchen als monster. Zo heb ik het
gewild; geen mens meer zijn, maar een monster.
(4) Het dorp wil de waarheid niet zien, en men geeft voor te geloven dat
Maartjes dood een ongeluk was. De rest van mijn leven is n groot verwijt aan
mijzelf, een straf die erger is dan wat iemand anders mij ooit aan had kunnen
doen.

Selecteer een optie >> 4




    *** EINDE ***



Wil je een HERSTART, een oud spel INLEZEN of een EINDE aan het spel maken?
> einde
